
Maar dat alles is slechts mogelijk als wij Jezus Christus erkennen, want Hij is Degene die ons geroepen heeft, die ons uitgenodigd heeft Zijn weg te gaan, die ons gekozen heeft. Het is alleen mogelijk te verkondigen en te getuigen als wij dicht bij Hem zijn, juist zoals Petrus, Johannes en de andere leerlingen rond de verrezen Heer; zij zijn dagelijks bij Hem, zij weten goed wie Hij is, zij kennen Hem. De evangelist benadrukt dat “niemand Hem durfde vragen: “wie zijt Gij?”. Zij weten dat het de Heer is . Dat is voor ons een belangrijk punt: met Jezus een innige band hebben, intimiteit door dialoog en leven, om Hem zo als “de Heer” te kennen en te aanbidden. De passage uit de Openbaring die wij beluisterden, spreekt over aanbidding: de menigte engelen, alle schepselen, levende wezens, de oudsten vallen in aanbidding neer voor Gods troon en voor Christus, het geslachte Lam, aan wie eer, heerlijkheid en lof. Ik zou willen dat wij ons allen die vraag stellen: gij, ik, aanbidden wij de Heer? Gaan wij alleen tot God om te vragen, te danken, of ook om Hem te aanbidden? Wat wil het zeggen God aanbidden? Dat betekent bij Hem leren verwijlen, halt houden om met Hem te spreken en voelen dat Zijn aanwezigheid de meest waarachtige, de beste, de belangrijkste van alle is. Ieder van ons heeft in zijn leven, bewust en soms misschien zonder er zich rekenschap van te geven, een precieze ordening der dingen die hij min of meer belangrijk vindt. De Heer aanbidden betekent Hem de plaats geven die Hij moet hebben; de Heer aanbidden wil zeggen bevestigen, geloven, niet zozeer met woorden, dat alleen Hij echt ons leven leidt; de Heer aanbidden wil zeggen dat wij ten overstaan van Hem overtuigd zijn dat Hij de enige God is, de God van ons leven, van onze geschiedenis.
Dat heeft voor ons leven een consequentie: ons ontdoen van vele kleine en grote afgoden, tot wie we onze toevlucht zoeken, bij wie we niet zelden zekerheid zoeken. Het zijn afgoden die wij dikwijls verborgen houden; ambitie, de smaak van succes, het feit zichzelf in het centrum te plaatsen, de neiging anderen te domineren, de pretentie de enige meester van ons leven te zijn, enkele zonden waaraan we gehecht zijn en vele andere. Vanavond zou ik willen dat in ieders hart een vraag weerklinkt en dat we die oprecht beantwoorden: heb ik aan die verborgen afgod in mijn leven gedacht die mij belet de Heer te aanbidden? Aanbidden is zich ontdoen van zijn afgoden, ook de meest verborgene, en de Heer tot centrum kiezen, tot Koninklijke weg van ons leven.
Dierbare broeders en zusters, de Heer herinnert ons er elke dag aan Hem moedig en trouw te volgen; Hij heeft ons de grote gave gegeven ons tot Zijn leerlingen te kiezen; Hij nodigt ons uit Hem blij te verkondigen als de Verrezene, maar Hij vraagt ons het te doen met het woord en het getuigenis van ons leven, in het dagelijks leven. De Heer is de Ene, de ene God van ons leven en hij nodigt ons uit ons van vele afgoden te ontdoen en Hem alleen te aanbidden. Verkondigen, getuigen, aanbidden. Mogen de Allerzaligste Maagd Maria en de apostel Paulus ons op deze weg helpen en voor ons ten beste spreken.