6e Zitting - Decreet over de rechtvaardiging

x
Gebruik de knoppen om door de historische teksten te lopen:

Informatie over dit document

Sessio VI - Decretum de iustificatione
6e Zitting - Decreet over de rechtvaardiging
Concilie van Trente
13 januari 1547
Concilies en synodes - Decreten
Stg. InterKerk, Wassenaar
Werkvertaling vanuit het Latijn
Zie de gebruiksvoorwaarden van de documenten
2005
Redactie
17 november 2023
668
nl
Toon meer

Referenties naar dit document: 2

Open uitgebreid overzicht

Referenties naar dit document van thema's en berichten

Open uitgebreid overzicht

Extra opties voor dit document

Kopieer document-URL naar klembord Reageer op dit document Deel op social media
- HOOFDSTUK 7 Wat is de rechtvaardiging van goddelozen en welke zijn de oorzaken?
8
Deze ordening of voorbereiding volgt uit de rechtvaardiging zelf, die niet alleen de vergeving van zonden is, 1[[al:41]] maar ook de heiliging en de vernieuwing van de innerlijke mens door de wilsact om de genade en de gaven aan te nemen, waardoor de mens, gerecht gemaakt uit de ongerechtigheid en van vijand tot vriend wordt, opdat hij zou worden: "erfgenaam volgens de hoop op eeuwig leven." (Tit. 3, 7)[b:Tit. 3, 7]

Referenties naar alinea 8: 5

Catechismus van de Katholieke Kerk ->=geentekst=
Pastores Dabo Vobis ->=geentekst=
Het Christendom en de godsdiensten ->=geentekst=
Enkele vraagstukken over God als Verlosser ->=geentekst=
Enkele vraagstukken over God als Verlosser ->=geentekst=

Extra opties voor deze alinea

Kopieer alinea-URL naar klembord Reageer op deze alinea Deel op social media
9
De oorzaken van deze rechtvaardiging zijn:
  • De doeloorzaak, de eer van God en Christus, alsook het eeuwig leven.
  • De werkoorzaak, werkelijke de barmhartige God, die om niet reinigt en heiligt 2[[b:1 Kor. 6, 11]], die bezegelt en zalft 3[[b:2 Kor. 1, 21v]], door de belofte van de Heilige Geest, die het onderpand van onze erfenis is. (Ef. 1, 13)[b:Ef. 1, 13]
  • De oorzaak van verdienste, is echter zijn veelgeliefde eniggeboren Zoon onze Heer Jezus Christus, die ons, terwijl "wij vijanden waren", (Rom. 5, 10)[b:Rom. 5, 10] "wegens zijn overgrote liefde, waarmee Hij ons heeft liefgehad" (Ef. 2, 4)[b:Ef. 2, 4] door zijn allerheiligste lijden op het hout van het kruis voor ons heeft verdiend 4[[al:40.41]] en voor ons aan God, de Vader genoegdoening heeft bewerkt.
  • De instrumentele oorzaak, insgelijks is het sacrament van de doop, dat is het sacrament van geloof 5[[1366]] 6[[858]] 7[[3323|(2)]] 8[[3324|(1)]], zonder welke aan niemand ooit de rechtvaardiging ten deel valt.
  • Tenslotte is de enige formele oorzaak de gerechtigheid van God, niet die waardoor Hij zelf gerecht is, maar die, waardoor Hij ons gerecht maakt 9[[[905]]] 10[[al:40.41]], te weten namelijk, die, door Hem gegeven, (waardoor) wij in de Geest van ons gemoed vernieuwd worden (Ef. 4, 23)[b:Ef. 4, 23] en niet alleen worden wij gerekend tot, maar worden werkelijk gerechten genoemd en wij zijn het 11[[b:1 Joh. 3, 1]], terwijl wij de gerechtigheid in ons ontvangen, ieder zijn eigen, volgens de maat welke de Heilige Geest de enkeling toedeelt , zoals Hij wil 12[[b:1 Kor. 12, 11]] en volgens zijn eigen voorbereiding en medewerking.

Referenties naar alinea 9: 6

Catechismus van de Katholieke Kerk ->=geentekst=
Catechismus van de Katholieke Kerk ->=geentekst=
Pastores Dabo Vobis ->=geentekst=
Enkele vraagstukken over God als Verlosser ->=geentekst=
Enkele vraagstukken over God als Verlosser ->=geentekst=
Een offer tot herstel ->=geentekst=

Extra opties voor deze alinea

Kopieer alinea-URL naar klembord Reageer op deze alinea Deel op social media
10
Ofschoon, immers niemand rechtvaardig kan zijn, tenzij hem de verdiensten van het lijden van onze Heer Jezus Christus wordt medegedeeld, dit echter geschiedt bij de rechtvaardiging van de goddelozen, terwijl door de verdienste van zijn heilig lijden, de liefde van God door de heilige Geest wordt ingestort in de harten 13[[b:Rom. 5, 5]] van diegene die worden gerechtvaardigd, en bij hen inwoont. 14[[al:41]] Vandaar ontvangt de mens in de rechtvaardiging zelf, tezamen met de vergeving van de zonden, dit alles, te weten: Geloof, Hoop en Liefde, tegelijk ingestort, door Jezus Christus, aan wie hij toebehoort.

Referenties naar alinea 10: 4

Pastores Dabo Vobis ->=geentekst=
Enkele vraagstukken over God als Verlosser ->=geentekst=
Enkele vraagstukken over God als Verlosser ->=geentekst=
Enkele vraagstukken over God als Verlosser ->=geentekst=

Extra opties voor deze alinea

Kopieer alinea-URL naar klembord Reageer op deze alinea Deel op social media
11
Want geloof, als de hoop en de liefde haar niet volgen, verenigt noch met Christus op volkomen wijze, noch wordt hij een levend lidmaat van Zijn Lichaam. Op grond hiervan wordt terecht gezegd: dat geloof zonder werken dood en nutteloos is 15[[b:Jak. 2, 17]] 16[[al:49]] en dat bij "Christus Jezus noch de besnijding noch onbesneden iets waard is, maar het geloof, dat door de liefde werkt." (Gal. 5, 6; Gal. 6, 15)[b:Gal. 5, 6; Gal. 6, 15]

Dit geloof vragen de catechumenen voor het Sacrament van het Doopsel, volgens de overlevering van de apostelen, van de Kerk, wanneer zij het geloof, wat het eeuwig leven garandeert 17Rituale Romanum, Doopordening nr. 1, vragen, en wat het geloof zonder hoop en liefde niet kan garanderen.

Vandaar horen zij terstond het woord van Christus, Als u het eeuwig leven wilt binnengaan, onderhoud dan de geboden. 18Rituale Romanum, Doopordening nr. 2. (Mt. 19, 17)[b:Mt. 19, 17] 19[[al:48-50]]. Daarom wordt hen, die de werkelijke christelijke gerechtigheid hebben ontvangen, en terstond herboren zijn, bevolen, het feestkleed, door Christus Jezus aan hen gegeven, in plaats van het eerste feestkleed 20[[b:Lc. 15, 22]], wat door de ongehoorzaamheid van Adam voor zichzelf en ons verloren is gegaan, lichtend, en zuiver te bewaren, zodat zij het (feestkleed) dragen voor de rechterstoel van onze Heer Jezus Christus en het eeuwig leven mogen hebben. 21Rituale Romanum, Doopordening nr. 24

Referenties naar alinea 11: 4

Pastores Dabo Vobis ->=geentekst=
Enkele vraagstukken over God als Verlosser ->=geentekst=
Enkele vraagstukken over God als Verlosser ->=geentekst=
Enkele vraagstukken over God als Verlosser ->=geentekst=

Extra opties voor deze alinea

Kopieer alinea-URL naar klembord Reageer op deze alinea Deel op social media