XVIII - Over het artikel 'En in de éne Katholieke kerk, de verrijzenis van het vlees en het eeuwig leven'
x
Gebruik de knoppen om door de historische teksten te lopen:
Informatie over dit document
XVIII - Over het artikel 'En in de éne Katholieke kerk, de verrijzenis van het vlees en het eeuwig leven'
Catechese XVIII voor de illuminandi - Uitgesproken te Jeruzalem
Cyrillus van Jeruzalem
350
Kerkelijke schrijvers - Catecheses
1974, Catechesen van onze heilige vader Cyrillus van Jerusalem I - getypte versie: Benedictusberg, Lemiers
Vert. uit het Grieks
Alineaverdeling en -nummering en Bijbelreferenties naar CCEL
Datering onzeker
Bijbelcitaten slechts ten dele toegevoegd
Zie de gebruiksvoorwaarden van de documenten
Alineaverdeling en -nummering en Bijbelreferenties naar CCEL
Datering onzeker
Bijbelcitaten slechts ten dele toegevoegd
Zie de gebruiksvoorwaarden van de documenten
1974
Mgr. J.J.M. van Susante
25 januari 2026
9804
nl
Referenties naar dit document van thema's en berichten
Open uitgebreid overzichtExtra opties voor dit document
Kopieer document-URL naar klembord Reageer op dit document Deel op social mediaInhoudsopgave
- Inhoud
Lezing uit Ezechiël: 'En de hand van de Heer kwam op mij en voerde mij weg in de geest van de Heer, en plaatste mij op de vlakte die vol beenderen van mensen was' (Ez. 37, 1)[b:Ez. 37, 1].
Referenties naar deze alinea: 0
Geen referenties naar deze alineaExtra opties voor deze alinea
Kopieer alinea-URL naar klembord Reageer op deze alinea Deel op social media
1
1.
De wortel om goede werken te verrichten is de hoop op de verrijzenis. De verwachting immers van een gedane beloning, maakt de ziel sterk tot het doen van het goede. Iedere arbeider is bereid de vermoeienissen te doorstaan als hem maar een belang daarvoor in het vooruitzicht wordt gesteld. Zij die zich zonder beloning moeten aftobben, kunnen niet anders dan ineenstorten zowel naar ziel als naar lichaam. De soldaat die een kampprijs verwacht, is bereid tot het voeren van een oorlog. Maar als de nalatige koning geen kampprijzen meer uitdeelt, aan hen die bij hem in krijgsdienst zijn, dan zullen zij ook niet voor hem sterven. Hetzelfde geldt voor iedere ziel die gelooft: in de verrijzenis, want hierdoor beschermt: hij zichzelf. Maar hij die niet gelooft, wordt aan de ondergang overgeleverd. Hij die in de opstanding van het lichaam gelooft, spaart dit kleed en besmeurt het niet met ontucht. Die niet in de verrijzenis gelooft, geeft zichzelf over aan ontucht, zijn eigen lichaam misbruikend als was het van een ander. Het geloof in de verrijzenis uit de dood is dan ook een grote leerstelling van de Katholieke Kerk. Dit is een groot en noodzakelijk leerpunt, niettegenstaande het veel wordt tegengesproken. De waarheid wordt als geloofspunt bevestigd, Grieken komen er tegen in verzet, amar1tanen geloven haar niet en ketters brengen haar in opspraak. Is de tegenspraak velerlei, de waarheid is eenvormig.
De wortel om goede werken te verrichten is de hoop op de verrijzenis. De verwachting immers van een gedane beloning, maakt de ziel sterk tot het doen van het goede. Iedere arbeider is bereid de vermoeienissen te doorstaan als hem maar een belang daarvoor in het vooruitzicht wordt gesteld. Zij die zich zonder beloning moeten aftobben, kunnen niet anders dan ineenstorten zowel naar ziel als naar lichaam. De soldaat die een kampprijs verwacht, is bereid tot het voeren van een oorlog. Maar als de nalatige koning geen kampprijzen meer uitdeelt, aan hen die bij hem in krijgsdienst zijn, dan zullen zij ook niet voor hem sterven. Hetzelfde geldt voor iedere ziel die gelooft: in de verrijzenis, want hierdoor beschermt: hij zichzelf. Maar hij die niet gelooft, wordt aan de ondergang overgeleverd. Hij die in de opstanding van het lichaam gelooft, spaart dit kleed en besmeurt het niet met ontucht. Die niet in de verrijzenis gelooft, geeft zichzelf over aan ontucht, zijn eigen lichaam misbruikend als was het van een ander. Het geloof in de verrijzenis uit de dood is dan ook een grote leerstelling van de Katholieke Kerk. Dit is een groot en noodzakelijk leerpunt, niettegenstaande het veel wordt tegengesproken. De waarheid wordt als geloofspunt bevestigd, Grieken komen er tegen in verzet, amar1tanen geloven haar niet en ketters brengen haar in opspraak. Is de tegenspraak velerlei, de waarheid is eenvormig.
Referenties naar alinea 1: 0
Geen referenties naar deze alineaExtra opties voor deze alinea
Kopieer alinea-URL naar klembord Reageer op deze alinea Deel op social media
2
2.
De Grieken zowel als de Samaritanen spannen op dit punt tegen ons samen. Is de mens gestorven, dan ligt hij neer en vergaat. Hij wordt geheel door de wormen ontbonden en ook deze vergaan weer. Als zulk een ondergang zich van het lichaam meester maakt, hoe is het dan mogelijk dat het weer kan opstaan? Mensen die schipbreuk leden zijn door vissen verslonden en deze ook weer op hun beurt. Die strijd met de leeuwen en de beren moesten leveren, zijn vermorzeld met beenderen. en al; gieren en raven aten het vlees van lijken die op de grond geworpen werden en zij vlogen ermee de gehele wereld over. Waar vandaan moet dat lichaam weer bijeengebracht worden? Het is mogelijk dat de ene vogel die ervan at in India sterft, terwijl een andere in Perzië en weer een nader in Gothië. Anderen zijn de prooi geworden van vlammen en zijn daarna door regenvlagen en wind verstrooid. Hoe wordt zo'n lichaam weer bij een gebracht?
De Grieken zowel als de Samaritanen spannen op dit punt tegen ons samen. Is de mens gestorven, dan ligt hij neer en vergaat. Hij wordt geheel door de wormen ontbonden en ook deze vergaan weer. Als zulk een ondergang zich van het lichaam meester maakt, hoe is het dan mogelijk dat het weer kan opstaan? Mensen die schipbreuk leden zijn door vissen verslonden en deze ook weer op hun beurt. Die strijd met de leeuwen en de beren moesten leveren, zijn vermorzeld met beenderen. en al; gieren en raven aten het vlees van lijken die op de grond geworpen werden en zij vlogen ermee de gehele wereld over. Waar vandaan moet dat lichaam weer bijeengebracht worden? Het is mogelijk dat de ene vogel die ervan at in India sterft, terwijl een andere in Perzië en weer een nader in Gothië. Anderen zijn de prooi geworden van vlammen en zijn daarna door regenvlagen en wind verstrooid. Hoe wordt zo'n lichaam weer bij een gebracht?
Referenties naar alinea 2: 0
Geen referenties naar deze alineaExtra opties voor deze alinea
Kopieer alinea-URL naar klembord Reageer op deze alinea Deel op social media
3
3.
Voor u, kleine en zwakke mensen, is India ver van Gothië verwijderd, en Spanje van Perzië. Voor God echter, die de gehele wereld in zijn hand draagt, is alles dichtbij. Verwijt God geen onmacht, vergelijk het niet met eigen zwakheid, maar geeft acht op zijn almacht. De zon, die maar een klein werkstukje van God is, verwarmt met haar stralen de gehele aarde. De lucht die God gemaakt heeft omvat de gehele wereld. Is God dan als Schepper van zon en lucht ver van de wereld verwijderd?
Voor u, kleine en zwakke mensen, is India ver van Gothië verwijderd, en Spanje van Perzië. Voor God echter, die de gehele wereld in zijn hand draagt, is alles dichtbij. Verwijt God geen onmacht, vergelijk het niet met eigen zwakheid, maar geeft acht op zijn almacht. De zon, die maar een klein werkstukje van God is, verwarmt met haar stralen de gehele aarde. De lucht die God gemaakt heeft omvat de gehele wereld. Is God dan als Schepper van zon en lucht ver van de wereld verwijderd?
Referenties naar alinea 3: 0
Geen referenties naar deze alineaExtra opties voor deze alinea
Kopieer alinea-URL naar klembord Reageer op deze alinea Deel op social mediaVeronderstel nu eens, dat verschillende zaadkorrels onder elkaar vermengd zijn, (ik noem zwakke voorbeelden, omdat uzelf zwak bent), en dat gij deze verschillende korrels in uw hand houdt, is het clan voor u mens, een groot of moeilijk werk om hetgeen gij in uw hand hebt te schiften en ieder zaadje naar zijn eigen soort te verzamelen en daarna soort bij soort te leggen? Zo kunt gij schiften wat gij in uw hand hebt, zou God dan hetgeen Hij in zijn hand omsluit niet kunnen schiften en zijn plaats hergeven? Als u er eens goed over nadenkt, is dan de ontkenning hiervan niet goddeloos?
Referenties naar deze alinea: 0
Geen referenties naar deze alineaExtra opties voor deze alinea
Kopieer alinea-URL naar klembord Reageer op deze alinea Deel op social media
4
4.
Keert in uzelf en geeft acht op het oogmerk van uw gerechtigheid. Gij bezit verschillende dienaren. Sommigen zijn goed, anderen slecht. Zijt gij rechter, dan zult gij de goeden prijzen en de wetsovertreders straffen. Gij, als sterfelijke mens, beoefent dus de gerechtigheid. Is dan bij God, de Koning over alles, die door niemand wordt opgevolgd, geen vergeldende rechtvaardigheid? Het is voorgekomen dat een moordenaar, die vijftig moorden op zijn geweten had, maar eenmaal onthoofd is. Waar zal hij nu voor de negen en veertig andere moorden gestraft worden? Als er na deze wereld geen oordeel meer is en geen vergelding, clan beschuldigt gij Hem van onrechtvaardigheid. Weest echter niet verwonderd over het uitstel van het vonnis. Ieder die aan de kamlstrijd deelneemt, wordt na de strijd gekroond of te schande gemaakt.
Keert in uzelf en geeft acht op het oogmerk van uw gerechtigheid. Gij bezit verschillende dienaren. Sommigen zijn goed, anderen slecht. Zijt gij rechter, dan zult gij de goeden prijzen en de wetsovertreders straffen. Gij, als sterfelijke mens, beoefent dus de gerechtigheid. Is dan bij God, de Koning over alles, die door niemand wordt opgevolgd, geen vergeldende rechtvaardigheid? Het is voorgekomen dat een moordenaar, die vijftig moorden op zijn geweten had, maar eenmaal onthoofd is. Waar zal hij nu voor de negen en veertig andere moorden gestraft worden? Als er na deze wereld geen oordeel meer is en geen vergelding, clan beschuldigt gij Hem van onrechtvaardigheid. Weest echter niet verwonderd over het uitstel van het vonnis. Ieder die aan de kamlstrijd deelneemt, wordt na de strijd gekroond of te schande gemaakt.
Referenties naar alinea 4: 0
Geen referenties naar deze alineaExtra opties voor deze alinea
Kopieer alinea-URL naar klembord Reageer op deze alinea Deel op social mediaNooit geeft de scheidsrechter de krans reeds tijdens de strijd, maar hij wacht het einde van alle strijders af, om dan zijn oordeel te kunnen vellen en de prijzen en de kransen uit te delen. Zo handel God ook. Zolang de strijd van deze wereld nog aan de gang is, komt God de rechtvaardigen met beetjes te hulp om hen later met beloningen ten volle te vergelden.
Referenties naar deze alinea: 0
Geen referenties naar deze alineaExtra opties voor deze alinea
Kopieer alinea-URL naar klembord Reageer op deze alinea Deel op social media
5
5.
Als er echter volgens u geen verrijzenis bestaat, waarom veroordeelt gij dan de grafschenner? Wanneer het lichaam ten gronde is gegaan en geen hoop meer bestaat op verrijzenis, waarom ondergaat de grafschenner dan straf? Ook al loochent gij met de lippen, toch blijft u het onwrikbaar bewustzijn van de verrijzenis bij.
Als er echter volgens u geen verrijzenis bestaat, waarom veroordeelt gij dan de grafschenner? Wanneer het lichaam ten gronde is gegaan en geen hoop meer bestaat op verrijzenis, waarom ondergaat de grafschenner dan straf? Ook al loochent gij met de lippen, toch blijft u het onwrikbaar bewustzijn van de verrijzenis bij.
Referenties naar alinea 5: 0
Geen referenties naar deze alineaExtra opties voor deze alinea
Kopieer alinea-URL naar klembord Reageer op deze alinea Deel op social media
6
6.
Een boom die omgehouwen is komt weer in bloei, zou dan eens men niet meer opbloeien na zijn dood? Hetgeen gezaaid en geoogst is, wordt in voorraadschuren bewaard, maar een mens op deze wereld geoogst, zal niet in voorraadschuren terechtkomen? Wijnranken en afgesneden takken van bomen gaan weer leven, en vrucht dragen; de mens voor wie al datgene bestaat, zal niet meer opstaan als hij neergelaten is in de aarde? Wij zijn nu moeilijke dingen met elkaar aan het vergelijken. Wat is moeilijker: een standbeeld dat nog niet bestaat van het begin af te maken, of een gevallen beeld weer in dezelfde vorm te gieten? Kan God, die ons uit niet gemaakt heeft, ons opnieuw doen opstaan nadat wij gevallen zijn? Maar omdat gij heiden zijt, gelooft gij niet aan hetgeen geschreven staat. Beschouw dan de dingen van de natuur en oordeelt dan naar hetgeen zich tot op heden aan u vertoont. Koren, of zoals gij wilt een ander zaad, wordt gezaaid. In de grond gevallen sterft het als het ware, het wordt rot en niet meer geschikt voor consumptie. Maar wat ziet gij nu? Hetgeen verrot was komt op als fris groen en wat als kleine korrel in de grond viel, rijst op als iets krachtigs. Maar zowel het graan als de andere zaden zijn er voor onze behoeften, niet omwille van zichzelf. Welnu, hetgeen om willen van ons gemaakt is levend wordt na gestorven te zijn, zouden wij dan niet ten leven opgewekt worden voor wie deze dingen bestaan?
Een boom die omgehouwen is komt weer in bloei, zou dan eens men niet meer opbloeien na zijn dood? Hetgeen gezaaid en geoogst is, wordt in voorraadschuren bewaard, maar een mens op deze wereld geoogst, zal niet in voorraadschuren terechtkomen? Wijnranken en afgesneden takken van bomen gaan weer leven, en vrucht dragen; de mens voor wie al datgene bestaat, zal niet meer opstaan als hij neergelaten is in de aarde? Wij zijn nu moeilijke dingen met elkaar aan het vergelijken. Wat is moeilijker: een standbeeld dat nog niet bestaat van het begin af te maken, of een gevallen beeld weer in dezelfde vorm te gieten? Kan God, die ons uit niet gemaakt heeft, ons opnieuw doen opstaan nadat wij gevallen zijn? Maar omdat gij heiden zijt, gelooft gij niet aan hetgeen geschreven staat. Beschouw dan de dingen van de natuur en oordeelt dan naar hetgeen zich tot op heden aan u vertoont. Koren, of zoals gij wilt een ander zaad, wordt gezaaid. In de grond gevallen sterft het als het ware, het wordt rot en niet meer geschikt voor consumptie. Maar wat ziet gij nu? Hetgeen verrot was komt op als fris groen en wat als kleine korrel in de grond viel, rijst op als iets krachtigs. Maar zowel het graan als de andere zaden zijn er voor onze behoeften, niet omwille van zichzelf. Welnu, hetgeen om willen van ons gemaakt is levend wordt na gestorven te zijn, zouden wij dan niet ten leven opgewekt worden voor wie deze dingen bestaan?
Referenties naar alinea 6: 0
Geen referenties naar deze alineaExtra opties voor deze alinea
Kopieer alinea-URL naar klembord Reageer op deze alinea Deel op social media
7
7.
Zoals gij ziet, is het winter. De bomen staan als dood. Waar zijn de bladeren van de vijgenboom? Waar de ruiven van de wijnstok? Het is nu winteren alles is dood, maar met de lente komt weer het frisse groen, want zodra die tijd gekomen is, wordt, als uit de dood de kracht weer hergeven om te herleven. God, die uw ongelovigheid kent, bewerkt jaarlijks in deze zichtbare planten een verrijzenis, opdat gij na het waarnemen van deze dingen zonder ziel, geloven moogt dat wezens met een ziel en met een rede ook verrijzen. Muggen en bijen herleven vaak nadat zij in het water verdronken zijn; sommige soorten ratten blijven 's winters onbeweeglijk om 's zomers weer op te staan. Soortgelijke voorbeelden kunnen u helpen als gij aan die nietige dingen denkt. Hij, die aan de redeloze schepselen en minderwaardige wezens het leven verleent, boven de natuur uit, zou Hij het dan niet aan ons geven voor wie Hij al die dingen gemaakt heeft?
Zoals gij ziet, is het winter. De bomen staan als dood. Waar zijn de bladeren van de vijgenboom? Waar de ruiven van de wijnstok? Het is nu winteren alles is dood, maar met de lente komt weer het frisse groen, want zodra die tijd gekomen is, wordt, als uit de dood de kracht weer hergeven om te herleven. God, die uw ongelovigheid kent, bewerkt jaarlijks in deze zichtbare planten een verrijzenis, opdat gij na het waarnemen van deze dingen zonder ziel, geloven moogt dat wezens met een ziel en met een rede ook verrijzen. Muggen en bijen herleven vaak nadat zij in het water verdronken zijn; sommige soorten ratten blijven 's winters onbeweeglijk om 's zomers weer op te staan. Soortgelijke voorbeelden kunnen u helpen als gij aan die nietige dingen denkt. Hij, die aan de redeloze schepselen en minderwaardige wezens het leven verleent, boven de natuur uit, zou Hij het dan niet aan ons geven voor wie Hij al die dingen gemaakt heeft?
Referenties naar alinea 7: 0
Geen referenties naar deze alineaExtra opties voor deze alinea
Kopieer alinea-URL naar klembord Reageer op deze alinea Deel op social media
8
8.
Toch vragen de heidenen naar een duidelijker voorbeeld van de verrijzenis. Zij zeggen dit: Stel dat deze dingen verrijzen, helemaal verrot waren ze niet. Met andere woorden vragen zij dus iets dat duidelijker leven en verrijzenis te zien geeft na te zijn verrot. God, de ongelovigheid van de mensen kennend, schiep een vogel, de phoenix genaamd, die zoals Clemens en anderen verhalen, enig is in zijn soort. Eens in de vijftig jaar kwam hij in het land van Egyptenaren als bewijs van de onsterfelijkheid. Hij zoekt dan geen geheime plaats in de woestijn, maar gaat naar een bekende stad om aan datgene waaraan men geen geloof hechtte het tastbaar bewijs te leveren. Nadat dan deze phoenix zich een nest van wierook, mirrhe en ander reukwerken gebouwd heeft, legt hij zich, nadat zijn jaren vervuld zijn, daarin neer en sterft: en gaat daarna tot verrotting over. Dan wordt er uit het rotte vlees een worm geboren, en deze eenmaal groot geworden, verandert in een vogel. Gij moogt niet weigeren hieraan geloof te hechten, want wij zien zelf hoe jonge bijen uit wormen gevormd worden, en hoe uit zeer vochtige eieren, beenderen en spieren van vogels gevormd worden. Als nu de voornoemde phoenix vleugels heeft gekregen en tot volwassenheid is gekomen, dan vliegt hij de lucht in en is weer dezelfde als die gestorven is, als wij boven genoemde personen mogen geloven. Het geeft in ieder geval een heel duidelijk voorbeeld van de verrijzenis uit de doden. Maar als is de phoenix een wonderbare vogel, toch is en blijft het een redeloos dier, die nog nooit een psalm voor God heeft gezongen. Hij vliegt uit, maar weet niet wie de eniggeboren Zoon van God is. Welnu, aan het redeloze dier dat zijn Schepper niet kent wordt de verrijzenis geschonken, zou dan aan ons, die God verheerlijken, en zijn geboden onderhouden, gen verrijzenis geschonken worden?
Toch vragen de heidenen naar een duidelijker voorbeeld van de verrijzenis. Zij zeggen dit: Stel dat deze dingen verrijzen, helemaal verrot waren ze niet. Met andere woorden vragen zij dus iets dat duidelijker leven en verrijzenis te zien geeft na te zijn verrot. God, de ongelovigheid van de mensen kennend, schiep een vogel, de phoenix genaamd, die zoals Clemens en anderen verhalen, enig is in zijn soort. Eens in de vijftig jaar kwam hij in het land van Egyptenaren als bewijs van de onsterfelijkheid. Hij zoekt dan geen geheime plaats in de woestijn, maar gaat naar een bekende stad om aan datgene waaraan men geen geloof hechtte het tastbaar bewijs te leveren. Nadat dan deze phoenix zich een nest van wierook, mirrhe en ander reukwerken gebouwd heeft, legt hij zich, nadat zijn jaren vervuld zijn, daarin neer en sterft: en gaat daarna tot verrotting over. Dan wordt er uit het rotte vlees een worm geboren, en deze eenmaal groot geworden, verandert in een vogel. Gij moogt niet weigeren hieraan geloof te hechten, want wij zien zelf hoe jonge bijen uit wormen gevormd worden, en hoe uit zeer vochtige eieren, beenderen en spieren van vogels gevormd worden. Als nu de voornoemde phoenix vleugels heeft gekregen en tot volwassenheid is gekomen, dan vliegt hij de lucht in en is weer dezelfde als die gestorven is, als wij boven genoemde personen mogen geloven. Het geeft in ieder geval een heel duidelijk voorbeeld van de verrijzenis uit de doden. Maar als is de phoenix een wonderbare vogel, toch is en blijft het een redeloos dier, die nog nooit een psalm voor God heeft gezongen. Hij vliegt uit, maar weet niet wie de eniggeboren Zoon van God is. Welnu, aan het redeloze dier dat zijn Schepper niet kent wordt de verrijzenis geschonken, zou dan aan ons, die God verheerlijken, en zijn geboden onderhouden, gen verrijzenis geschonken worden?
Referenties naar alinea 8: 0
Geen referenties naar deze alineaExtra opties voor deze alinea
Kopieer alinea-URL naar klembord Reageer op deze alinea Deel op social media
9
9.
Maar nog gelooft men niet, men vindt het teken van de phoenix nogal ver gezocht en zeldzaam. Ik zal u daarom een bewijs geven van dingen die zich dagelijks voordoen. Waar waren wij, die hier spreken of ons hier horen honderd of tweehonderd jaar geleden? Dus wij kennen de oorsprong van onze lichamen niet? Weet gij niet, hoe wij uit zwakke, vormloze en eensoortige dingen geboren zijn? Uit de eensoortige en zwakke kiem ontstaat de mens. Deze zwakke kiem, eenmaal vlees geworden, verandert in krachtige spieren, heldere ogen, een neus om te ruiken, oren om te horen, een sprekende tong enz. En die voorheen zo zwakken kiem wordt scheepstimmerman, huizenbouwer, of beoefenaar van weet ik welk ambacht, soldaat koning, wetgever of bestuurder. Zou God, die ons uit zulke onbeduidende dingen gemaakt heeft, ons na onze val niet meer kunnen oprichten? Hij, die uit een allernietigs iets het mensen lichaam heeft gemaakt, zou Hij datzelfde lichaam niet kunnen doen opstaan? Die uit het niet zijnde het zijnde maakte, zou Hij niet kunnen oprichten hetgeen gevallen was?
Maar nog gelooft men niet, men vindt het teken van de phoenix nogal ver gezocht en zeldzaam. Ik zal u daarom een bewijs geven van dingen die zich dagelijks voordoen. Waar waren wij, die hier spreken of ons hier horen honderd of tweehonderd jaar geleden? Dus wij kennen de oorsprong van onze lichamen niet? Weet gij niet, hoe wij uit zwakke, vormloze en eensoortige dingen geboren zijn? Uit de eensoortige en zwakke kiem ontstaat de mens. Deze zwakke kiem, eenmaal vlees geworden, verandert in krachtige spieren, heldere ogen, een neus om te ruiken, oren om te horen, een sprekende tong enz. En die voorheen zo zwakken kiem wordt scheepstimmerman, huizenbouwer, of beoefenaar van weet ik welk ambacht, soldaat koning, wetgever of bestuurder. Zou God, die ons uit zulke onbeduidende dingen gemaakt heeft, ons na onze val niet meer kunnen oprichten? Hij, die uit een allernietigs iets het mensen lichaam heeft gemaakt, zou Hij datzelfde lichaam niet kunnen doen opstaan? Die uit het niet zijnde het zijnde maakte, zou Hij niet kunnen oprichten hetgeen gevallen was?
Referenties naar alinea 9: 0
Geen referenties naar deze alineaExtra opties voor deze alinea
Kopieer alinea-URL naar klembord Reageer op deze alinea Deel op social media
10
10.
Iedere maand geven de hemellichamen nog een duidelijk bewijs voor de verrijzenis uit de doden. De maan verdwijnt helemaal, zo zelfs dat er niets meer van te zien is, om daarna weer opnieuw vol te worden, om terug te keren tot haar eerste gedaante. Om de zaak geheel te beschrijven, dient u te weten dat de maan na verloop van jaren geheel ophoudt en schijnbaar in bloed verandert, om daarna weer haar lichtgevende gestalte op te nemen God heeft dit zo beschikt, opdat de mens die uit bloed bestaat, niet ongelovig zou blijven ten overstaan van de verrijzenis uit de doden. Hetgeen gij met de maan ziet gebeuren, gelooft dat ook met betrekking tot uzelf. Hetgeen ik gezegd heb kunt u ook aanwenden tegen de Grieken, die de Schriften niet aannemen. Hen moet gij met onbeschreven wapenen bestrijden. Zij komen alleen met redeneringen en aanschouwelijke voorstellen tot de waarheid. Wie Mozes is weten zij niet, noch Jesaja, noch wie de schrijvers zijn van de vier Evangeliën, noch wie Paulus is.
Iedere maand geven de hemellichamen nog een duidelijk bewijs voor de verrijzenis uit de doden. De maan verdwijnt helemaal, zo zelfs dat er niets meer van te zien is, om daarna weer opnieuw vol te worden, om terug te keren tot haar eerste gedaante. Om de zaak geheel te beschrijven, dient u te weten dat de maan na verloop van jaren geheel ophoudt en schijnbaar in bloed verandert, om daarna weer haar lichtgevende gestalte op te nemen God heeft dit zo beschikt, opdat de mens die uit bloed bestaat, niet ongelovig zou blijven ten overstaan van de verrijzenis uit de doden. Hetgeen gij met de maan ziet gebeuren, gelooft dat ook met betrekking tot uzelf. Hetgeen ik gezegd heb kunt u ook aanwenden tegen de Grieken, die de Schriften niet aannemen. Hen moet gij met onbeschreven wapenen bestrijden. Zij komen alleen met redeneringen en aanschouwelijke voorstellen tot de waarheid. Wie Mozes is weten zij niet, noch Jesaja, noch wie de schrijvers zijn van de vier Evangeliën, noch wie Paulus is.
Referenties naar alinea 10: 0
Geen referenties naar deze alineaExtra opties voor deze alinea
Kopieer alinea-URL naar klembord Reageer op deze alinea Deel op social media
11
11.
Maar nu zullen wij ons tot de Samaritanen wenden. Zij aanvaarden wel de wet maar geen profeten. De lezing van vandaag uit Ezechiël is dan voor hen van geen enkele waarde. Zoals ik reeds opmerkte, nemen zij de profeten niet aan. Hoe moeten wij hén dan overtuigen? Laten wij ons eens in de wet verdiepen. God zegt tot Mozes: 'Ik ben de God van Abraham, Izaäk en Jacob'. Dus die leven en bestaan nog! Zo Abraham, Izaäk en Jacob opgehouden hadden te bestaan, dan zou Hij een God van mensen zijn die niet meer zijn. Kunt u zich voorstellen dat een koning zegt: ik ben koning van soldaten die ik niet heb? Wie heeft er ooit rijkdom ten toon gesteld die hij niet bezat?. Abraham, Izaäk en Jacob moeten dus nog bestaan, omdat God een God van levende wezens is. Hij heeft niet gezegd: 'Ik was hun God, maar: Ik ben hun God'. Wat het oordeel betreft moet u lezen wat' Abraham tot Jahweh zegt: 'Zou Hij, die de gehele aarde richt, geen recht laten gelden?
Maar nu zullen wij ons tot de Samaritanen wenden. Zij aanvaarden wel de wet maar geen profeten. De lezing van vandaag uit Ezechiël is dan voor hen van geen enkele waarde. Zoals ik reeds opmerkte, nemen zij de profeten niet aan. Hoe moeten wij hén dan overtuigen? Laten wij ons eens in de wet verdiepen. God zegt tot Mozes: 'Ik ben de God van Abraham, Izaäk en Jacob'. Dus die leven en bestaan nog! Zo Abraham, Izaäk en Jacob opgehouden hadden te bestaan, dan zou Hij een God van mensen zijn die niet meer zijn. Kunt u zich voorstellen dat een koning zegt: ik ben koning van soldaten die ik niet heb? Wie heeft er ooit rijkdom ten toon gesteld die hij niet bezat?. Abraham, Izaäk en Jacob moeten dus nog bestaan, omdat God een God van levende wezens is. Hij heeft niet gezegd: 'Ik was hun God, maar: Ik ben hun God'. Wat het oordeel betreft moet u lezen wat' Abraham tot Jahweh zegt: 'Zou Hij, die de gehele aarde richt, geen recht laten gelden?
Referenties naar alinea 11: 0
Geen referenties naar deze alineaExtra opties voor deze alinea
Kopieer alinea-URL naar klembord Reageer op deze alinea Deel op social media
12
12.
Maar dit vinden die zinneloze Samaritanen geen argument. Zij zeggen: 'De zielen van Abraham, Izaäk en Jacob kunnen wel blijven, maar hun zielen verrijzen, neen'. Luistert, de staf van de rechtvaardige Mozes is een slang geworden, kunnen de zielen van de rechtvaardige dan niet leven en verrijzen Het eerste geschiedde tegen de natuur, zou dan het herstel dat volgens de natuur is, niet plaats vinden? Ook de staf van Aäron, die allang geleden afgesneden en dood was, is zonder welriekend water ontkiemd, niettegenstaande hij binnen was. Zelfs kreeg hij nog knoppen ook. Op een akker kan zoiets nog wel eens gebeuren, maar niet op een droge plaats. En tot grote ontsteltenis kwamen er nog vruchten aan en wel in één nacht. Daar doen goed bevochtigde bomen jaren over. De staf van Aäron stond als het: ware uit de doden op, zal Aäron zelf nu niet verrijzen? 0 het hogepriesterschap voor hem veilig te stellen deed God dit wonde met dit stuk hou, maar zou hijzelf dan geen deel krijgen aan de verrijzenis? Iets anders: Tegen de natuur in wordt een vrouw in zout veranderd, kan vlees niet tot vlees hersteld worden? De vrouw van Lot is een zoutzuil geworden, zou de vrouw van Lot niet verrijzen? Wat was dat voor een kracht, die de hand van Mozes binnen een uur tijd als sneeuw veranderde en weer terug in de vorige toestand herstelde? Dat was natuurlijk een goddelijk hevel. Nu dan: als toen dat bevel zo krachtig was, is het dan nu niet krachtig meer?
Maar dit vinden die zinneloze Samaritanen geen argument. Zij zeggen: 'De zielen van Abraham, Izaäk en Jacob kunnen wel blijven, maar hun zielen verrijzen, neen'. Luistert, de staf van de rechtvaardige Mozes is een slang geworden, kunnen de zielen van de rechtvaardige dan niet leven en verrijzen Het eerste geschiedde tegen de natuur, zou dan het herstel dat volgens de natuur is, niet plaats vinden? Ook de staf van Aäron, die allang geleden afgesneden en dood was, is zonder welriekend water ontkiemd, niettegenstaande hij binnen was. Zelfs kreeg hij nog knoppen ook. Op een akker kan zoiets nog wel eens gebeuren, maar niet op een droge plaats. En tot grote ontsteltenis kwamen er nog vruchten aan en wel in één nacht. Daar doen goed bevochtigde bomen jaren over. De staf van Aäron stond als het: ware uit de doden op, zal Aäron zelf nu niet verrijzen? 0 het hogepriesterschap voor hem veilig te stellen deed God dit wonde met dit stuk hou, maar zou hijzelf dan geen deel krijgen aan de verrijzenis? Iets anders: Tegen de natuur in wordt een vrouw in zout veranderd, kan vlees niet tot vlees hersteld worden? De vrouw van Lot is een zoutzuil geworden, zou de vrouw van Lot niet verrijzen? Wat was dat voor een kracht, die de hand van Mozes binnen een uur tijd als sneeuw veranderde en weer terug in de vorige toestand herstelde? Dat was natuurlijk een goddelijk hevel. Nu dan: als toen dat bevel zo krachtig was, is het dan nu niet krachtig meer?
Referenties naar alinea 12: 0
Geen referenties naar deze alineaExtra opties voor deze alinea
Kopieer alinea-URL naar klembord Reageer op deze alinea Deel op social media
13
13.
O Samaritanen, meest dwazen van alle mensen! Waaruit is het begin van de mens gemaakt? Neemt het allereerste boek van de H. Schrift ter hand, want dat behoort nog tot de codex. 'God vormde de mens uit klei-aarde'. Kan nu vlees niet meer tot vlees hersteld worden? Mag ik nu een vraag stellen? Waaruit zijn de hemelen en de zeeën ontstaan? Waaruit de zon, de maan en de sterren? Hoe uit water vogels en de vissen? Hoe van de aarde de levende dieren? Ontelbare duizendtallen werden uit het niet tot het zijn overgebracht, en wij mensen, die de gelijkenis van Hem in ons dragen, zullen niet kunnen verrijzen? Deze aangelegenheid is werkelijk vol ongeloof. Een ernstige veroordeling bedreigt de ongelovigen in de woorden van Abraham: 'Die de gehele aarde oordeelt'. Zij die de wet leren, blijven ongelovig bij het lezen van wat er over het begin geschreven staat: 'Uit de aarde is de mens'.
O Samaritanen, meest dwazen van alle mensen! Waaruit is het begin van de mens gemaakt? Neemt het allereerste boek van de H. Schrift ter hand, want dat behoort nog tot de codex. 'God vormde de mens uit klei-aarde'. Kan nu vlees niet meer tot vlees hersteld worden? Mag ik nu een vraag stellen? Waaruit zijn de hemelen en de zeeën ontstaan? Waaruit de zon, de maan en de sterren? Hoe uit water vogels en de vissen? Hoe van de aarde de levende dieren? Ontelbare duizendtallen werden uit het niet tot het zijn overgebracht, en wij mensen, die de gelijkenis van Hem in ons dragen, zullen niet kunnen verrijzen? Deze aangelegenheid is werkelijk vol ongeloof. Een ernstige veroordeling bedreigt de ongelovigen in de woorden van Abraham: 'Die de gehele aarde oordeelt'. Zij die de wet leren, blijven ongelovig bij het lezen van wat er over het begin geschreven staat: 'Uit de aarde is de mens'.
Referenties naar alinea 13: 0
Geen referenties naar deze alineaExtra opties voor deze alinea
Kopieer alinea-URL naar klembord Reageer op deze alinea Deel op social media
14
14.
Tot zover voor de ongelovigen. Het volgende is voor hen die ook nog in de Profeten geloven. Helaas zijn er nog velen, die wel de Profeten lezen, maar niet geloven in hetgeen er geschreven staat. Op hun beurt werpen zij ons dit voor de voeten. 'De goddelozen zullen niet in het gericht opstaan', en: Als de mens naar de onderwereld afdaalt, zal hij er niet meer uit opstijgen", en: 'De doden zullen U niet prijzen, Heer'. Het is iedere keer weer hetzelfde liedje. Hetgeen goed geschreven staat, misbruiken zij. Daarom is het goed in het voorbijgaan en voor zover het mogelijk is, hen te weerleggen. Wanneer de Schrift zegt dat de goddelozen niet zullen opstaan in het gericht, dan betekent dit, dat zij niet in oordeel maar in veroordeling zullen opstaan. God heeft geen onderzoek nodig, want op hetzelfde ogenblik dat de goddelozen verrijzen, volgt ook hun straf. Als er in de Schrift staat: 'De doden zullen U niet prijzen Heer', dan wil dit zeggen, dat er tijdens dit leven gelegenheid bestaat tot bekering en het verkrijgen van vergiffenis, en dat zij die hiervan profiteren, U zullen prijzen. Voor hen die inzonden gestorven zijn, is er na de dood geen gelegenheid meer om te prijzen voor de ontvangen weldaden, maar slechts tijd voor te wenen. Lofprijzen doen zij die dankzeggen, weeklagen zij die gekastijd worden. De rechtvaardigen zullen blijvend lofprijzen, terwijl zij, die in zonden gestorven zijn geen gelegenheid meer zullen vinden om God te belijden.
Tot zover voor de ongelovigen. Het volgende is voor hen die ook nog in de Profeten geloven. Helaas zijn er nog velen, die wel de Profeten lezen, maar niet geloven in hetgeen er geschreven staat. Op hun beurt werpen zij ons dit voor de voeten. 'De goddelozen zullen niet in het gericht opstaan', en: Als de mens naar de onderwereld afdaalt, zal hij er niet meer uit opstijgen", en: 'De doden zullen U niet prijzen, Heer'. Het is iedere keer weer hetzelfde liedje. Hetgeen goed geschreven staat, misbruiken zij. Daarom is het goed in het voorbijgaan en voor zover het mogelijk is, hen te weerleggen. Wanneer de Schrift zegt dat de goddelozen niet zullen opstaan in het gericht, dan betekent dit, dat zij niet in oordeel maar in veroordeling zullen opstaan. God heeft geen onderzoek nodig, want op hetzelfde ogenblik dat de goddelozen verrijzen, volgt ook hun straf. Als er in de Schrift staat: 'De doden zullen U niet prijzen Heer', dan wil dit zeggen, dat er tijdens dit leven gelegenheid bestaat tot bekering en het verkrijgen van vergiffenis, en dat zij die hiervan profiteren, U zullen prijzen. Voor hen die inzonden gestorven zijn, is er na de dood geen gelegenheid meer om te prijzen voor de ontvangen weldaden, maar slechts tijd voor te wenen. Lofprijzen doen zij die dankzeggen, weeklagen zij die gekastijd worden. De rechtvaardigen zullen blijvend lofprijzen, terwijl zij, die in zonden gestorven zijn geen gelegenheid meer zullen vinden om God te belijden.
Referenties naar alinea 14: 0
Geen referenties naar deze alineaExtra opties voor deze alinea
Kopieer alinea-URL naar klembord Reageer op deze alinea Deel op social media
15
15.
Wat de tekst betreft: 'Indien een mens afdaalt in de onderwereld, stijgt hij er niet meer uit op', moet men ook hetgeen er op volgt lezen, want daar staat: 'Hij stijgt: niet meer op en keert niet meer terug in zijn eigen huis'. dat is nogal logisch, want als de gehele wereld in vlammen opgaat dan ook iedere. woning, en is er dus van terugkeer naar eigen huis geen sprake meer. Maar er komt een nieuwe aarde. Luister maar eens naar Job. 'Ja, voor een boom is er hoop, al wordt hij geveld. Hij loopt weer uit en zijn loten lopen weer uit, ook al is de wortel in de bodem verouderd en zijn tronk afgestorven in het stof. Hij bot weer uit zo gauw hij het water maar ruikt, hij schiet weer takken als een jonge plant. Is een man die gestorven is weg? Is een jongeling die gevallen is er niet meer?' Men moet deze tekst als een vraag lezen, ontstemd en verwijtend. 'Is hij er niet meer?' Hij zegt hiervan het volgende: als een stuk hout valt en weer oprijst, zal dan de mens, voor wie dit stuik hout groeide, niet verrijzen? Meen nu niet dat ik u wil dwingen. Lees zelf eens wat er op volgt. Na de vraag: 'Is een sterveling die gevallen is er niet meer?, zegt de Schrift: 'als een mens gevallen is zal hij weer leven'. En Jobs antwoord is: 'Ik zal afwachten totdat ik weer geboren word', en elders: 'Hij zal op aarde mijn huid doen verrijzen die dit alles te verduren heeft'. Bij de Profeet Jesaja lezen wij: 'Oprijzen zullen de doden en ontwaken die in de graven zijn'. Duidelijker nog is Ezechiël, met wie wij bezig zijn. 'Zie ik open uw graven en zal u uit uw graven opvoeren'. En bij Daniël staat: 'Velen van hen die in het stof van de aarde slapen, zullen verrijzen; sommigen tot eeuwig leven, anderen tot eeuwige schande'.
Wat de tekst betreft: 'Indien een mens afdaalt in de onderwereld, stijgt hij er niet meer uit op', moet men ook hetgeen er op volgt lezen, want daar staat: 'Hij stijgt: niet meer op en keert niet meer terug in zijn eigen huis'. dat is nogal logisch, want als de gehele wereld in vlammen opgaat dan ook iedere. woning, en is er dus van terugkeer naar eigen huis geen sprake meer. Maar er komt een nieuwe aarde. Luister maar eens naar Job. 'Ja, voor een boom is er hoop, al wordt hij geveld. Hij loopt weer uit en zijn loten lopen weer uit, ook al is de wortel in de bodem verouderd en zijn tronk afgestorven in het stof. Hij bot weer uit zo gauw hij het water maar ruikt, hij schiet weer takken als een jonge plant. Is een man die gestorven is weg? Is een jongeling die gevallen is er niet meer?' Men moet deze tekst als een vraag lezen, ontstemd en verwijtend. 'Is hij er niet meer?' Hij zegt hiervan het volgende: als een stuk hout valt en weer oprijst, zal dan de mens, voor wie dit stuik hout groeide, niet verrijzen? Meen nu niet dat ik u wil dwingen. Lees zelf eens wat er op volgt. Na de vraag: 'Is een sterveling die gevallen is er niet meer?, zegt de Schrift: 'als een mens gevallen is zal hij weer leven'. En Jobs antwoord is: 'Ik zal afwachten totdat ik weer geboren word', en elders: 'Hij zal op aarde mijn huid doen verrijzen die dit alles te verduren heeft'. Bij de Profeet Jesaja lezen wij: 'Oprijzen zullen de doden en ontwaken die in de graven zijn'. Duidelijker nog is Ezechiël, met wie wij bezig zijn. 'Zie ik open uw graven en zal u uit uw graven opvoeren'. En bij Daniël staat: 'Velen van hen die in het stof van de aarde slapen, zullen verrijzen; sommigen tot eeuwig leven, anderen tot eeuwige schande'.
Referenties naar alinea 15: 0
Geen referenties naar deze alineaExtra opties voor deze alinea
Kopieer alinea-URL naar klembord Reageer op deze alinea Deel op social media
16
16.
Er zijn nog veel Schriftuur plaatsen die spreken over de verrijzenis. Ik zou nog heel wat uitspraken kunnen aanhalen, maar wij stippen er maar enkelen aan. De verrijzenis van Lazarus op de vierde dag. Bij gebrek aan tijd maken wij alleen maar melding van de opwekking van de zoon van de weduwe en de dochter van het hoofd van de synagoge. Ook beveel ik u de tekst aan van het opensplijten van de rotsen. Toen werden veel lichamen van ontslapenen weer opgewekt en de graven van hen geopend. Maar natuurlijk boven dit alles: Christus die uit de doden is verrezen.
Er zijn nog veel Schriftuur plaatsen die spreken over de verrijzenis. Ik zou nog heel wat uitspraken kunnen aanhalen, maar wij stippen er maar enkelen aan. De verrijzenis van Lazarus op de vierde dag. Bij gebrek aan tijd maken wij alleen maar melding van de opwekking van de zoon van de weduwe en de dochter van het hoofd van de synagoge. Ook beveel ik u de tekst aan van het opensplijten van de rotsen. Toen werden veel lichamen van ontslapenen weer opgewekt en de graven van hen geopend. Maar natuurlijk boven dit alles: Christus die uit de doden is verrezen.
Referenties naar alinea 16: 0
Geen referenties naar deze alineaExtra opties voor deze alinea
Kopieer alinea-URL naar klembord Reageer op deze alinea Deel op social mediaElias ben ik voorbijgegaan en de zoon van de weduwe die hij ten leven opwekte. Eliseus, die tweemaal een dode opwekte, eenmaal tijdens zijn leven en eenmaal daarna. Tijdens zijn leven bewerkte hij de verrijzenis door zijn eigen ziel; maar opdat niet alleen de zielen van de rechtvaardigen geëerd worden, maar ook geloof geschonken wordt aan de kracht die in de lichamen van de rechtvaardigen verblijft, daarom werd een gestorvene, die in aanraking kwam met het lijk van de profeet, direct weer levend. het dode lichaam van de profeet volbracht het werk van de ziel. het gestorven lichaam dat in het graf lag, bezorgde het leven aan degene, die gestorven was. Zelf het leven schenkend, bleef hij onder de doden. Waarom? Indien Eliseus was opgestaan, dan zou men deze aangelegenheid aan zijn ziel hebben toegeschreven. Nu echter werd aangetoond, dat wanneer de ziel er niet meer is, toch een kracht uitgaat van de lichamen van de heiligen, omwille van hun rechtvaardige ziel die zoveel jaren in dit lichaam heeft gewoond en het dienstbaar was. Wees niet zo onnozel dat gij er geen geloof aan hecht, alsof zoiets niet kan gebeuren. Zweetdoeken en gordels die buiten het lichaam zijn, hebben zieken die er mee in aanraking kwamen, doen opstaan, hoeveel temeer dan het lichaam vaneen profeet?
Referenties naar deze alinea: 0
Geen referenties naar deze alineaExtra opties voor deze alinea
Kopieer alinea-URL naar klembord Reageer op deze alinea Deel op social media
17
17.
Indien wij echter ieder wonder wilden verklaren, hadden wij nog heel wat te zeggen. Maar vanwege de opgelegde vasten, de Parasceve en de nachtwake, wil ik u niet te veel vermoeien. Ik verhaal daarom alleen gebeurtenissen in het voorbijgaan en zaai met beetjes uit, opdat gij als goede aarde het zaad moogt opnemen en vrucht ervan moogt opleveren. Ter herinnering zij nog gezegd, dat ook de Apostelen doden hebben doen verrijzen. Zo heeft Petrus Tabitha te Joppe en Paulus Euthicus in Troas opgewekt. Stellig hebben ook de andere Apostel deze dingen gedaan, al zijn ze niet opgetekend. Herinnert u wat Paulus aan de Korintirs schreef omtrent de vraag hoe de doden verrijzen enmet welk lichaam zij te voorschijn komen. Hij zei, dat als de doden niet verrijzen, ook Christus niet verrezen is, en noemde hen die niet geloven, zonder verstand. Roep in uw geheugen de gehele verrijzenisleer op van deze brief, alsook hetgeen hij aan de Thessalonicensers heeft geschreven. 'Wij willen niet broeders, dat gij onkundig blijft over de ontslapenen, opdat gij niet bedroefd zult zijn als de overigen, die geen hoop meer hebben. En clan vooral wat volgt: 'De doden die in Christus zijn, zullen het eerst verrijzen'.
Indien wij echter ieder wonder wilden verklaren, hadden wij nog heel wat te zeggen. Maar vanwege de opgelegde vasten, de Parasceve en de nachtwake, wil ik u niet te veel vermoeien. Ik verhaal daarom alleen gebeurtenissen in het voorbijgaan en zaai met beetjes uit, opdat gij als goede aarde het zaad moogt opnemen en vrucht ervan moogt opleveren. Ter herinnering zij nog gezegd, dat ook de Apostelen doden hebben doen verrijzen. Zo heeft Petrus Tabitha te Joppe en Paulus Euthicus in Troas opgewekt. Stellig hebben ook de andere Apostel deze dingen gedaan, al zijn ze niet opgetekend. Herinnert u wat Paulus aan de Korintirs schreef omtrent de vraag hoe de doden verrijzen enmet welk lichaam zij te voorschijn komen. Hij zei, dat als de doden niet verrijzen, ook Christus niet verrezen is, en noemde hen die niet geloven, zonder verstand. Roep in uw geheugen de gehele verrijzenisleer op van deze brief, alsook hetgeen hij aan de Thessalonicensers heeft geschreven. 'Wij willen niet broeders, dat gij onkundig blijft over de ontslapenen, opdat gij niet bedroefd zult zijn als de overigen, die geen hoop meer hebben. En clan vooral wat volgt: 'De doden die in Christus zijn, zullen het eerst verrijzen'.
Referenties naar alinea 17: 0
Geen referenties naar deze alineaExtra opties voor deze alinea
Kopieer alinea-URL naar klembord Reageer op deze alinea Deel op social media
18
18.
Bijzonder wil ik u opmerkzaam maken, op hetgeen St. Paulus als met de vinger aanwees. Hij zegt namelijk het volgende: 'Want dit vergankelijke moet met onvergankelijkheid bekleed worden, en dit sterfelijke met onsterfelijkheid'. Het wordt: als ijzer veranderd dat met vuur in aanraking komt, of liever: zoals de Heer het alleen weet, die het doet opstaan. Dit lichaam zal dus verrijzen. het blijft niet zoals het nu is, maar zaal eeuwig blijven. Het heeft niet, zoals nu, voedsel nodig, want het wordt vergeestelijkt. Het is zo iets wonderbaarlijks, dat het voor ons onmogelijk is het onder woorden te brengen. 'dan zullen de rechtvaardigen schitteren als de zon in het koninkrijk: van de Vader', zegt de H. Schrift. Omdat God de ongelovigheid van de mensen voorzag, heeft hij aan een heel klein wormpje het vermogen gegeven licht uit te stralen, zodat gij, uit hetgeen gij nu ziet, datgene moogt geloven wat wij verwachten. Hij, die het gedeelte geven kan, is ook bij machte het geheel te geven. Die een worm lichtend kan maken, doet dat zeker bij een rechtvaardige mens.
Bijzonder wil ik u opmerkzaam maken, op hetgeen St. Paulus als met de vinger aanwees. Hij zegt namelijk het volgende: 'Want dit vergankelijke moet met onvergankelijkheid bekleed worden, en dit sterfelijke met onsterfelijkheid'. Het wordt: als ijzer veranderd dat met vuur in aanraking komt, of liever: zoals de Heer het alleen weet, die het doet opstaan. Dit lichaam zal dus verrijzen. het blijft niet zoals het nu is, maar zaal eeuwig blijven. Het heeft niet, zoals nu, voedsel nodig, want het wordt vergeestelijkt. Het is zo iets wonderbaarlijks, dat het voor ons onmogelijk is het onder woorden te brengen. 'dan zullen de rechtvaardigen schitteren als de zon in het koninkrijk: van de Vader', zegt de H. Schrift. Omdat God de ongelovigheid van de mensen voorzag, heeft hij aan een heel klein wormpje het vermogen gegeven licht uit te stralen, zodat gij, uit hetgeen gij nu ziet, datgene moogt geloven wat wij verwachten. Hij, die het gedeelte geven kan, is ook bij machte het geheel te geven. Die een worm lichtend kan maken, doet dat zeker bij een rechtvaardige mens.
Referenties naar alinea 18: 0
Geen referenties naar deze alineaExtra opties voor deze alinea
Kopieer alinea-URL naar klembord Reageer op deze alinea Deel op social media
19
19.
Allen zullen we dus met eeuwige lichamen verrijzen, maar niet allen met gelijke. De rechtvaardigen ontvangen een hemels lichaam om op waardige wijze met de Engelen te kunnen omgaan. De zondaars echter ontvangen een lichaam dat de straf van de zonde kan doorstaan, zodat het eeuwig brandend in het vuur, toch niet vergaat. Terecht geeft God dit aan beiden. Niets is immers zonder ons lichaam gedaan. Lasteren doen wij met de mond en bidden doen wij met de mond. Door het lichaam wordt onkuisheid bedreven maar ook reinheid beoefend. De handen kunnen roven maar ook aalmoezen geven, en ga zo maar door. Omdat het lichaam in alles zijn diensten heeft bewezen, moet het ook wat de toekomst betreft, het evenredige haar ten deel vallen.
Allen zullen we dus met eeuwige lichamen verrijzen, maar niet allen met gelijke. De rechtvaardigen ontvangen een hemels lichaam om op waardige wijze met de Engelen te kunnen omgaan. De zondaars echter ontvangen een lichaam dat de straf van de zonde kan doorstaan, zodat het eeuwig brandend in het vuur, toch niet vergaat. Terecht geeft God dit aan beiden. Niets is immers zonder ons lichaam gedaan. Lasteren doen wij met de mond en bidden doen wij met de mond. Door het lichaam wordt onkuisheid bedreven maar ook reinheid beoefend. De handen kunnen roven maar ook aalmoezen geven, en ga zo maar door. Omdat het lichaam in alles zijn diensten heeft bewezen, moet het ook wat de toekomst betreft, het evenredige haar ten deel vallen.
Referenties naar alinea 19: 0
Geen referenties naar deze alineaExtra opties voor deze alinea
Kopieer alinea-URL naar klembord Reageer op deze alinea Deel op social media
20
20.
Daarom broeders, laten wij onze lichamen beschermen en ze niet misbruiken als waren ze van een ander. Praat niet zoals ketters, die beweren dat het kleed van ons lichaam iets onzinnigs is. Laten wij het toch eerbiedigen als van ons eigen. Wij zelf moeten aan de Heer rekenschap geven over alles wat wij met ons lichaam gedaan hebben. Zegt daarom niet: niemand ziet mij. Meent niet dat er geen getuige is van hetgeen er gebeurt. Ja, dikwijls zal er geen mens hij zijn, maar de Schepper is getuige en die kan niet dwalen. Verblijvend in de hemel is Hij toch een trouwe getuigen en ziet alles wat er gebeurt. Zelfs de smetten van onze zonden blijven op ons lichaam. Wanneer het lichaam door een slag is geraakt, blijft er toch na de genezing een litteken over. Zo ook slaat de zonde in de ziel een blijvend litteken dat alleen wordt weggenomen na het ontvangen van het H. Doopsel. De vroegere zonden van de ziel en van het lichaam geneest God door het Doopsel. Behoed u daarom voor de komende.
Daarom broeders, laten wij onze lichamen beschermen en ze niet misbruiken als waren ze van een ander. Praat niet zoals ketters, die beweren dat het kleed van ons lichaam iets onzinnigs is. Laten wij het toch eerbiedigen als van ons eigen. Wij zelf moeten aan de Heer rekenschap geven over alles wat wij met ons lichaam gedaan hebben. Zegt daarom niet: niemand ziet mij. Meent niet dat er geen getuige is van hetgeen er gebeurt. Ja, dikwijls zal er geen mens hij zijn, maar de Schepper is getuige en die kan niet dwalen. Verblijvend in de hemel is Hij toch een trouwe getuigen en ziet alles wat er gebeurt. Zelfs de smetten van onze zonden blijven op ons lichaam. Wanneer het lichaam door een slag is geraakt, blijft er toch na de genezing een litteken over. Zo ook slaat de zonde in de ziel een blijvend litteken dat alleen wordt weggenomen na het ontvangen van het H. Doopsel. De vroegere zonden van de ziel en van het lichaam geneest God door het Doopsel. Behoed u daarom voor de komende.
Referenties naar alinea 20: 0
Geen referenties naar deze alineaExtra opties voor deze alinea
Kopieer alinea-URL naar klembord Reageer op deze alinea Deel op social media
21
21.
Laten wij het kleed van ons lichaam rein bewaren en niet door het bedrijven van een weinig ontucht, genotzucht of andere zonden de hemelse zaligheid verliezen. Mogen wij dan allen Gods eeuwig koninkrijk deelachtig worden, hetgeen God u mag geven door zijn genade.
Laten wij het kleed van ons lichaam rein bewaren en niet door het bedrijven van een weinig ontucht, genotzucht of andere zonden de hemelse zaligheid verliezen. Mogen wij dan allen Gods eeuwig koninkrijk deelachtig worden, hetgeen God u mag geven door zijn genade.
Referenties naar alinea 21: 0
Geen referenties naar deze alineaExtra opties voor deze alinea
Kopieer alinea-URL naar klembord Reageer op deze alinea Deel op social media
22
22.
Het overige van de geloofsbelijdenis wordt als volgt uitgesproken: 'Ik belijd een Doopsel tot vergeving van de zonden. En in de éne Heilige Katholieke Kerk, de verrijzenis van het vlees en het eeuwig leven'. Over het Doopsel en de bekering hebben we al in de eerste catechese[9235] gesproken. In verband met het artikel: 'En de verrijzenis van het vlees', hebben we zojuist de catechese afgesloten die hierover handelde. Rest ons nog te spreken over 'de éne Katholieke Kerk'. Hierover zouden wij nog lang kunnen spreken, maar wij zullen het in weinige woorden moeten afhandelen.
Het overige van de geloofsbelijdenis wordt als volgt uitgesproken: 'Ik belijd een Doopsel tot vergeving van de zonden. En in de éne Heilige Katholieke Kerk, de verrijzenis van het vlees en het eeuwig leven'. Over het Doopsel en de bekering hebben we al in de eerste catechese[9235] gesproken. In verband met het artikel: 'En de verrijzenis van het vlees', hebben we zojuist de catechese afgesloten die hierover handelde. Rest ons nog te spreken over 'de éne Katholieke Kerk'. Hierover zouden wij nog lang kunnen spreken, maar wij zullen het in weinige woorden moeten afhandelen.
Referenties naar alinea 22: 0
Geen referenties naar deze alineaExtra opties voor deze alinea
Kopieer alinea-URL naar klembord Reageer op deze alinea Deel op social mediaOm te beginnen wordt zij Katholiek of algemeen genoemd:
Referenties naar deze alinea: 0
Geen referenties naar deze alineaExtra opties voor deze alinea
Kopieer alinea-URL naar klembord Reageer op deze alinea Deel op social media- 1) Omdat zij over de gehele wereld verspreid is, tot zover haar grenzen reiken.
Referenties naar deze alinea: 0
Geen referenties naar deze alineaExtra opties voor deze alinea
Kopieer alinea-URL naar klembord Reageer op deze alinea Deel op social media- 2) Vanwege haar algemene leer. Alle leerstellingen, welke van nu zijn om tot de kennis van de mensen, leert zij zonder iets na te laten, hetzij over de hemelse, hetzij over de aardse dingen.
Referenties naar deze alinea: 0
Geen referenties naar deze alineaExtra opties voor deze alinea
Kopieer alinea-URL naar klembord Reageer op deze alinea Deel op social media- 3) Omdat zij het gehele menselijke geslacht aan de ene ware godsdienst onderwerpt, zowel overheden als onderdanen; geletterden als ongeletterden.
Referenties naar deze alinea: 0
Geen referenties naar deze alineaExtra opties voor deze alinea
Kopieer alinea-URL naar klembord Reageer op deze alinea Deel op social media- 4) Zij heelt en geneest over het algemeen iedere soort van zonde door ziel of lichaam bedreven.
Referenties naar deze alinea: 0
Geen referenties naar deze alineaExtra opties voor deze alinea
Kopieer alinea-URL naar klembord Reageer op deze alinea Deel op social media- 5) Zij bezit in zich iedere soort van deugd, bestaande in woorden en werken en in allerhande geestelijke genadegaven, hoe men ze ook wil noemen.
Referenties naar deze alinea: 0
Geen referenties naar deze alineaExtra opties voor deze alinea
Kopieer alinea-URL naar klembord Reageer op deze alinea Deel op social media
24
24.
Vervolgens heet zij bij uitstek 'Kerk', omdat allen in haar geroepen worden en samenkomen. De Heer zegt dit in het boek Leviticus: 'Gij zult de ganse gemeente verzamelen aan de ingang van het tabernakel'. Hier zij opgemerkt, dat het woord 'gij moet verzamelen' voor het eerst voorkomt in de H. Schrift toen de Heer Aäron als hogepriester ging installeren. Vervolgens in Deuteronomium, waar God tot Mozes zegt: 'Verzamel het volk bij Mij, laat hen mijn woorden horen, opdat zij Mij leren vrezen'. Tenslotte wordt nogmaals de naam 'ecclesia - vergadering gebezigd, wanneer er sprake is van de stenen tafelen. 'En daarop stonden alle woorden geschreven, welke de Heer gesproken had, midden in het: vuur, op de dag van de vergadering' , gebezigd wanneer er sprake is van de stenen tafelen. 'En daarop stonden alle woorden geschreven, welke de Heer gesproken had, midden in het vuur, op de dag van de vergadering'. Heel duidelijk wil Hij hier zeggen: Op de dag dat God u riep, waart gij bijeen in de vergadering......... De psalmist be-aamt dit wanneer hij zegt: 'Loven zal ik U in de grote vergadering; onder een aanzienlijk volk zal ik U: prijzen'.
Vervolgens heet zij bij uitstek 'Kerk', omdat allen in haar geroepen worden en samenkomen. De Heer zegt dit in het boek Leviticus: 'Gij zult de ganse gemeente verzamelen aan de ingang van het tabernakel'. Hier zij opgemerkt, dat het woord 'gij moet verzamelen' voor het eerst voorkomt in de H. Schrift toen de Heer Aäron als hogepriester ging installeren. Vervolgens in Deuteronomium, waar God tot Mozes zegt: 'Verzamel het volk bij Mij, laat hen mijn woorden horen, opdat zij Mij leren vrezen'. Tenslotte wordt nogmaals de naam 'ecclesia - vergadering gebezigd, wanneer er sprake is van de stenen tafelen. 'En daarop stonden alle woorden geschreven, welke de Heer gesproken had, midden in het: vuur, op de dag van de vergadering' , gebezigd wanneer er sprake is van de stenen tafelen. 'En daarop stonden alle woorden geschreven, welke de Heer gesproken had, midden in het vuur, op de dag van de vergadering'. Heel duidelijk wil Hij hier zeggen: Op de dag dat God u riep, waart gij bijeen in de vergadering......... De psalmist be-aamt dit wanneer hij zegt: 'Loven zal ik U in de grote vergadering; onder een aanzienlijk volk zal ik U: prijzen'.
Referenties naar alinea 24: 0
Geen referenties naar deze alineaExtra opties voor deze alinea
Kopieer alinea-URL naar klembord Reageer op deze alinea Deel op social media
25
25.
Had vroeger de psalmist gezongen: 'Allen die bijeen zijt. loof de Heer: uit de bronnen van Israël zijt gij allen', thans na hun aanslag op de Zaligmaker zijn de Joden van de genade uitgesloten. Nu heeft de goddelijke Zaligmaker een tweede Kerk opgebouwd uit de heidenen. Het is die van de christenen, onze Heilige Kerk, waarvan Hij getuigt: 'Op deze steenrots zal ik mijn Kerk bouwen en de poorten van de hel zullen haar niet overweldigen'.
Had vroeger de psalmist gezongen: 'Allen die bijeen zijt. loof de Heer: uit de bronnen van Israël zijt gij allen', thans na hun aanslag op de Zaligmaker zijn de Joden van de genade uitgesloten. Nu heeft de goddelijke Zaligmaker een tweede Kerk opgebouwd uit de heidenen. Het is die van de christenen, onze Heilige Kerk, waarvan Hij getuigt: 'Op deze steenrots zal ik mijn Kerk bouwen en de poorten van de hel zullen haar niet overweldigen'.
Referenties naar alinea 25: 0
Geen referenties naar deze alineaExtra opties voor deze alinea
Kopieer alinea-URL naar klembord Reageer op deze alinea Deel op social mediaHet is David, die duidelijk in profetische bewoordingen over deze beide Kerken spreekt. Over de eerste die verstoten werd zegt hij: 'Ik heb de vergadering van de boosdoeners gehaat' ; terwijl hij over de tweede die in opbouw is zegt: 'Heer, ik bemin de schoonheid van uw huis', om er terstond op te laten volgen: 'In de vergaderingen Heer, zal ik U loven'.
Referenties naar deze alinea: 0
Geen referenties naar deze alineaExtra opties voor deze alinea
Kopieer alinea-URL naar klembord Reageer op deze alinea Deel op social mediaSedert dat de Kerk van Judea verstoten is, zijn over de gehele wereld een groot aantal kerken van Christus gekomen. Dit wordt in de psalm uitgezongen: 'Zingt de Heer een nieuw lied, zijn lof weerklinkt in de vergadering van de heiligen'. De Profeet zegt hiermee met betrekking tot de Joden: 'Ik heb geen welgevallen in u', om iets verderop te zeggen: 'Daarom is van de opgang van de zon tot haar ondergang Mijn Naam verheerlijkt onder de heidenen'. Het is over deze Heilige Katholieke Kerk dat S. Paulus aan Timoteus schrijft: ' Gij weet nu hoe men zich moet gedragen in het huis van God, de Kerk van de levende God, pijler en grondslag van de waarheid'.
Referenties naar deze alinea: 0
Geen referenties naar deze alineaExtra opties voor deze alinea
Kopieer alinea-URL naar klembord Reageer op deze alinea Deel op social media
26
26.
De naam 'vergadering - Kerk' kan aan verschillende dingen gegeven worden. Zo staat er b.v. geschreven over de menigte die zich in het theater van Efese bevond: 'En na ze te hebben toegesproken, ontbond hij de vergadering'. Eerlijk gezegd zouden wij ook de samenscholingen van de ketters 'kerk' moeten noemen, hier bedoel ik dus de vergaderingen van de Marcionisten, Manicheeén en anderen. De geloofsbelijdenis heeft u daarom uit voorzorg overgeleverd te geloven in 'de éne Katholieke Kerk, opdat gij de andere samenscholingen zoudt vluchten en altijd trouw moogt blijven aan de Katholieke Kerk, waarin gij ook herboren zult worden.
De naam 'vergadering - Kerk' kan aan verschillende dingen gegeven worden. Zo staat er b.v. geschreven over de menigte die zich in het theater van Efese bevond: 'En na ze te hebben toegesproken, ontbond hij de vergadering'. Eerlijk gezegd zouden wij ook de samenscholingen van de ketters 'kerk' moeten noemen, hier bedoel ik dus de vergaderingen van de Marcionisten, Manicheeén en anderen. De geloofsbelijdenis heeft u daarom uit voorzorg overgeleverd te geloven in 'de éne Katholieke Kerk, opdat gij de andere samenscholingen zoudt vluchten en altijd trouw moogt blijven aan de Katholieke Kerk, waarin gij ook herboren zult worden.
Referenties naar alinea 26: 0
Geen referenties naar deze alineaExtra opties voor deze alinea
Kopieer alinea-URL naar klembord Reageer op deze alinea Deel op social mediaWanneer u zich als vreemdeling in een stad vertoeft, dan moet u niet zonder meer naar het 'kyriakon- de kerk' vragen, want ook de ketters durven hun spelonken kyriaka te noemen. Vraagt dus niet zonder meer naar de Ecclesia maar naar de Katholieke Kerk. Dat is de eigen naam van deze H. Kerk, de moeder van ons allen. Zij is de bruid van onze Heer Jezus Christus, de eniggeboren Zoon van God. Er staat immers geschreven: 'gelijk ook Christus de Kerk heeft liefgehad. Hij heeft zich voor haar overgeleverd' enz. Zij op haar beurt is een nabootsing van het hemels Jeruzalem, de vrije vrouw en moeder van ons allen; vroeger wel onvruchtbaar, nu echter moeder van vele kinderen'.
Referenties naar deze alinea: 0
Geen referenties naar deze alineaExtra opties voor deze alinea
Kopieer alinea-URL naar klembord Reageer op deze alinea Deel op social media
27
27.
Na der verwerping van de eerste Kerk, heeft God in de tweede, de Katholieke Kerk, volgens het woord van S. Paulus, allereerst Apostelen aangesteld, vervolgens profeten en ten derde leraren. Dan komen de wonderkrachten, de gave van de genezing, hulpbetoon, bestuur en velerlei taal. Ook iedere soort van deugd is er vertegenwoordigd. De wijsheid en het inzicht, de gematigdheid zowel als de rechtvaardigheid, de aalmoes en de menslievendheid e:n een onoverwinnelijk uithoudingsvermogen in de vervolgingen. Dit zijn de wapenen van de gerechtigheid, ter linker- en ter rechterzijde, onder eer en smaad. In vroeger dagen zijn met behulp van dezen, tijdens de vervolgingen, de martelaren gekroond met verschillende kransen, bezet met bloemen van lijdzaamheid. In deze dagen van vrede echter is zij door Gods genade in het bezit van de verschuldigde eer, die zowel door koningen bewezen wordt als door hen die de hoogste posten bekleden, door alle mensen, van welke rang of stand ook. De macht van koningen is beperkt tot hert gebied dat zij regeren, alleen de Katholieke Kerk heeft een onbegrensde macht over de gehele wereld. Van haar staat geschreven dat God haar als grens de vrede gaf. Zo ik over dit thema nog verder wilde uitweiden, dan had ik nog uren nodig.
Na der verwerping van de eerste Kerk, heeft God in de tweede, de Katholieke Kerk, volgens het woord van S. Paulus, allereerst Apostelen aangesteld, vervolgens profeten en ten derde leraren. Dan komen de wonderkrachten, de gave van de genezing, hulpbetoon, bestuur en velerlei taal. Ook iedere soort van deugd is er vertegenwoordigd. De wijsheid en het inzicht, de gematigdheid zowel als de rechtvaardigheid, de aalmoes en de menslievendheid e:n een onoverwinnelijk uithoudingsvermogen in de vervolgingen. Dit zijn de wapenen van de gerechtigheid, ter linker- en ter rechterzijde, onder eer en smaad. In vroeger dagen zijn met behulp van dezen, tijdens de vervolgingen, de martelaren gekroond met verschillende kransen, bezet met bloemen van lijdzaamheid. In deze dagen van vrede echter is zij door Gods genade in het bezit van de verschuldigde eer, die zowel door koningen bewezen wordt als door hen die de hoogste posten bekleden, door alle mensen, van welke rang of stand ook. De macht van koningen is beperkt tot hert gebied dat zij regeren, alleen de Katholieke Kerk heeft een onbegrensde macht over de gehele wereld. Van haar staat geschreven dat God haar als grens de vrede gaf. Zo ik over dit thema nog verder wilde uitweiden, dan had ik nog uren nodig.
Referenties naar alinea 27: 0
Geen referenties naar deze alineaExtra opties voor deze alinea
Kopieer alinea-URL naar klembord Reageer op deze alinea Deel op social media---
Referenties naar deze alinea: 0
Geen referenties naar deze alineaExtra opties voor deze alinea
Kopieer alinea-URL naar klembord Reageer op deze alinea Deel op social media
28
28.
Wanneer wij ons in de Katholieke Kerk laten onderrichten en wij gedragen ons goed, dan zullen wij zowel het Rijk van de hemelen als het eeuwig leven bezitten. Omwille van dit eeuwig leven, dat wij van de Heer zullen ontvangen, moeten wij alles verdragen. Ons streven is niet op kleine zaken gericht, maar onze toeleg moet uitgaan naar het eeuwig leven.
Wanneer wij ons in de Katholieke Kerk laten onderrichten en wij gedragen ons goed, dan zullen wij zowel het Rijk van de hemelen als het eeuwig leven bezitten. Omwille van dit eeuwig leven, dat wij van de Heer zullen ontvangen, moeten wij alles verdragen. Ons streven is niet op kleine zaken gericht, maar onze toeleg moet uitgaan naar het eeuwig leven.
Referenties naar alinea 28: 0
Geen referenties naar deze alineaExtra opties voor deze alinea
Kopieer alinea-URL naar klembord Reageer op deze alinea Deel op social mediaBroeders, laat u onderrichten in de belijdenis van het ware geloof, dan zult u na de verrijzenis van het vlees, dat is dus de verrijzenis van de dood waar wij zojuist over gesproken hebben, ook geloven in het laatste punt, dat is het eeuwig leven. Daar moeten wij als Christenen voor strijden.
Referenties naar deze alinea: 0
Geen referenties naar deze alineaExtra opties voor deze alinea
Kopieer alinea-URL naar klembord Reageer op deze alinea Deel op social media
29
29.
Het echte en ware leven nu is de Vader, die door zijn Zoon, aan allen zijn gaven doet toevloeien in de H. Geest. Door zijn menslievendheid werden ook aan ons mensen de goederen van het eeuwig leven beloofd, zonder bedrog. Omtrent de mogelijkheid hiervan mag geen ongelovigheid bij u opkomen. Men moet het oog niet op de zwakheid richten, maar geloven in zijn macht. Bij God is alles mogelijk. De mogelijkheid en het bewijs hiervan heeft Daniël ons gegeven: 'De vele rechtvaardigen zullen als sterren zijn in de eeuwigdurende eeuwen'. En S. Paulus op zijn beurt zegt: 'Zo nu zullen zij voor altijd hij de Heer zijn'. Dat: 'altijd bij de Heer zijn' is juist het eeuwig leven. De Zaligmaker geeft dit duidelijk aan in het Evangelie: 'Deze zullen heengaan ter eeuwige bestraffing, de rechtvaardigen echter tot het eeuwig leven'.
Het echte en ware leven nu is de Vader, die door zijn Zoon, aan allen zijn gaven doet toevloeien in de H. Geest. Door zijn menslievendheid werden ook aan ons mensen de goederen van het eeuwig leven beloofd, zonder bedrog. Omtrent de mogelijkheid hiervan mag geen ongelovigheid bij u opkomen. Men moet het oog niet op de zwakheid richten, maar geloven in zijn macht. Bij God is alles mogelijk. De mogelijkheid en het bewijs hiervan heeft Daniël ons gegeven: 'De vele rechtvaardigen zullen als sterren zijn in de eeuwigdurende eeuwen'. En S. Paulus op zijn beurt zegt: 'Zo nu zullen zij voor altijd hij de Heer zijn'. Dat: 'altijd bij de Heer zijn' is juist het eeuwig leven. De Zaligmaker geeft dit duidelijk aan in het Evangelie: 'Deze zullen heengaan ter eeuwige bestraffing, de rechtvaardigen echter tot het eeuwig leven'.
Referenties naar alinea 29: 0
Geen referenties naar deze alineaExtra opties voor deze alinea
Kopieer alinea-URL naar klembord Reageer op deze alinea Deel op social media
30
30.
Er is dus een groot aantal bewijsvoeringen omtrent het eeuwig leven. De goddelijk Schrift bewijs ons, dat er verschillende manieren zijn, om het eeuwig leven te verwerven. Vanwege de toch al lange duur van deze catechese, zullen wij alleen maar een paar getuigenissen aanstippen en de rest over laten aan de ijverigen, die het te zijner tijd kunnen navorsen. De ene keer nu staat er in de H. Schrift dat men het zich kan verwerven door het geloof, zoals in deze passage: 'Die gelooft in de Zoon heeft het eeuwig leven', of: 'Voorwaar, voorwaar Ik zeg u, wie luistert naar mijn woord en gelooft in Hem die Mij zond, heeft het ééuwig leven'. Een andere keer staat er dat men het kan verkrijgen door de prediking van het Evangelie: 'De maaier ontvangt zijn loon en verzamelt vruchten ten eeuwige leven'. Weer andere teksten zeggen, dat men het verkrijgt door het martelaarschap en de belijdenis van Christus: 'Wie in deze wereld zijn leven haat, zal het behouden in het eeuwig leven'. Eveneens verkrijgt men het door Christus boven geld en familie te schatten. 'En ieder die broers of zussen verlaten heeft enz. hij zal het eeuwig leven verwerven'. dan kan men het nog verkrijgen door het onderhouden van de geboden. 'Gij zult geen echtbreuk plegen of moord, met al het andere water op volgt, of zoals Hij de jongeling antwoordde, die Hem vroeg: 'Goede Meester, wat moet ik doen om het eeuwig leven te verkrijgen? dan is er nog het afstand doen van boze werken en God gaan dienen, zoals S. Paulus zegt: 'Maar nu, bevrijd van de zonden en dienstknechten geworden van God, oogst gij heiligheid en tenslotte het eeuwig leven'.
Er is dus een groot aantal bewijsvoeringen omtrent het eeuwig leven. De goddelijk Schrift bewijs ons, dat er verschillende manieren zijn, om het eeuwig leven te verwerven. Vanwege de toch al lange duur van deze catechese, zullen wij alleen maar een paar getuigenissen aanstippen en de rest over laten aan de ijverigen, die het te zijner tijd kunnen navorsen. De ene keer nu staat er in de H. Schrift dat men het zich kan verwerven door het geloof, zoals in deze passage: 'Die gelooft in de Zoon heeft het eeuwig leven', of: 'Voorwaar, voorwaar Ik zeg u, wie luistert naar mijn woord en gelooft in Hem die Mij zond, heeft het ééuwig leven'. Een andere keer staat er dat men het kan verkrijgen door de prediking van het Evangelie: 'De maaier ontvangt zijn loon en verzamelt vruchten ten eeuwige leven'. Weer andere teksten zeggen, dat men het verkrijgt door het martelaarschap en de belijdenis van Christus: 'Wie in deze wereld zijn leven haat, zal het behouden in het eeuwig leven'. Eveneens verkrijgt men het door Christus boven geld en familie te schatten. 'En ieder die broers of zussen verlaten heeft enz. hij zal het eeuwig leven verwerven'. dan kan men het nog verkrijgen door het onderhouden van de geboden. 'Gij zult geen echtbreuk plegen of moord, met al het andere water op volgt, of zoals Hij de jongeling antwoordde, die Hem vroeg: 'Goede Meester, wat moet ik doen om het eeuwig leven te verkrijgen? dan is er nog het afstand doen van boze werken en God gaan dienen, zoals S. Paulus zegt: 'Maar nu, bevrijd van de zonden en dienstknechten geworden van God, oogst gij heiligheid en tenslotte het eeuwig leven'.
Referenties naar alinea 30: 0
Geen referenties naar deze alineaExtra opties voor deze alinea
Kopieer alinea-URL naar klembord Reageer op deze alinea Deel op social media
31
31.
Er zijn nog veel meer manieren om tot het eeuwig leven te komen, maar ik laat het hierbij. Christus menslievendheid heeft niet één, niet twee maar vele poorten geopend, die toegang geven tot het eeuwig leven. Voor zover het van Hem afhangt, kunnen allen er ongehinderd gebruik van maken. Dit is hetgeen wij u wilden zeggen, zij het beknopt, omtrent het eeuwig leven en hiermee is dan het laatste punt en het slot van de geloofsbelijdenis behandeld. Mogen wij allen, zowel die onderrichten als die luisteren, door Gods genade eraan deelachtig worden.
Er zijn nog veel meer manieren om tot het eeuwig leven te komen, maar ik laat het hierbij. Christus menslievendheid heeft niet één, niet twee maar vele poorten geopend, die toegang geven tot het eeuwig leven. Voor zover het van Hem afhangt, kunnen allen er ongehinderd gebruik van maken. Dit is hetgeen wij u wilden zeggen, zij het beknopt, omtrent het eeuwig leven en hiermee is dan het laatste punt en het slot van de geloofsbelijdenis behandeld. Mogen wij allen, zowel die onderrichten als die luisteren, door Gods genade eraan deelachtig worden.
Referenties naar alinea 31: 0
Geen referenties naar deze alineaExtra opties voor deze alinea
Kopieer alinea-URL naar klembord Reageer op deze alinea Deel op social media--
Referenties naar deze alinea: 0
Geen referenties naar deze alineaExtra opties voor deze alinea
Kopieer alinea-URL naar klembord Reageer op deze alinea Deel op social media
32
32.
Geliefde broeders, de Kerk spoort u nu aan uw zielen gereed te maken om de hemelse genade te ontvangen. We hebben in de verstreken veertig dagen van de Vasten door Gods genade, in vele catechesen gesproken over de Heilige Apostolische Geloofsbelijdenis. Het was niet alles wat wij te zeggen hadden, maar hetgeen achterwege gelaten werd, kunt u misschien met betere leraren overwegen.
Geliefde broeders, de Kerk spoort u nu aan uw zielen gereed te maken om de hemelse genade te ontvangen. We hebben in de verstreken veertig dagen van de Vasten door Gods genade, in vele catechesen gesproken over de Heilige Apostolische Geloofsbelijdenis. Het was niet alles wat wij te zeggen hadden, maar hetgeen achterwege gelaten werd, kunt u misschien met betere leraren overwegen.
Referenties naar alinea 32: 0
Geen referenties naar deze alineaExtra opties voor deze alinea
Kopieer alinea-URL naar klembord Reageer op deze alinea Deel op social mediaDaar de Heilige Dag van Pasen voor de deur staat, eu. uw liefde door het bad van de wedergeboorte verlicht gaat worden, moet gij u, zo God het wil, nogmaals laten onderrichten: eerstens over het ordelijk en vroom binnentreden van de geroepenen; vervolgens, wanneer ieder van de heilige geheimen plaats heeft; en tenslotte met welke vroomheid en orde men na het Doopsel moet naderen tot het H. Altaar, om daar de geestelijke. en hemelse spijzen te genieten, zodat uw ziel vooraf verlicht door het woord van onze onderrichtingen, de groet van de door God verleende genadegaven moogt leren kennen.
Referenties naar deze alinea: 0
Geen referenties naar deze alineaExtra opties voor deze alinea
Kopieer alinea-URL naar klembord Reageer op deze alinea Deel op social media
33
33.
Na de dag van het heilige en heilzame Paasfeest, zult gij terstond van maandag af te beginnen, iedere dag na afloop van de preek, naar de plaats van het Heilige verrijzenis gaan, om daar, zo het God belieft, andere catechesen te ontvangen.
Na de dag van het heilige en heilzame Paasfeest, zult gij terstond van maandag af te beginnen, iedere dag na afloop van de preek, naar de plaats van het Heilige verrijzenis gaan, om daar, zo het God belieft, andere catechesen te ontvangen.
Referenties naar alinea 33: 0
Geen referenties naar deze alineaExtra opties voor deze alinea
Kopieer alinea-URL naar klembord Reageer op deze alinea Deel op social mediaHierin zult gij onderricht worden omtrent het wezen van hetgeen is geschied. Gij zult zowel bewijzen van het Oude- als van het Nieuwe testament krijgen. Op de eerste plaats over hetgeen onmiddellijk voor het Doopsel is geschied. Vervolgens hoe gij door de Heer van uw zonden gereinigd zijt door het bad van de wedergeboorte, onder het uitspreken van de doopformule. Hoe gij, als priesters, deelachtig zijt geworden aan de naam van Christus; hoe u het merkteken ingedrukt kreeg van de gemeenschap van de Heilige Geest. Dan over de HH. Geheimen van het Nieuwe Verbond, die hier een begin gevonden hebben, dan wat de goddelijke Schriften overgeleverd hebben en welke er de kracht van is. Hoe men er toe moet naderen en wanneer zulks moet plaats hebben. Tenslotte hoe gij u in de tijd die komen gaat in woord en werk behoort te gedragen, zodat gij de ontvangen genade waardig zijt en het eeuwig leven moogt verwerven. Dit alles zal, zo het God belieft, in die dagen besproken worden.
Referenties naar deze alinea: 0
Geen referenties naar deze alineaExtra opties voor deze alinea
Kopieer alinea-URL naar klembord Reageer op deze alinea Deel op social media
34
34.
Tenslotte broeders, verheugt u in de Heer ten alle tijden, nog eens zeg ik u, verheugt u, uw verlossing is nabij. De hemelse engelenscharen zien uw heil tegemoet. de stem van de roepende in de woestijn weerklinkt reeds: 'Bereidt de weg van de Heer'. De Profeet staat al te roepen: ,., Wie dorst heeft, komt tot de wateren!' Direct daarna zegt hij dan: 'Hoort naar Mij en eet van het goede, en uw ziel zal zich verlustigen'. In die heilige lezing zult gij een weinig verder horen: 'Wordt verlicht, Jeruzalem, want uw licht is gekomen'. Het is over dit Jeruzalem dat de profeet zegt: 'Daarna zult gij genoemd worden: stad van gerechtigheid, trouwe stad Sion'. De wet gaat van Sion uit en het Woord van de Heer van Jeruzalem, want van hieruit heeft het de gehele aarde besproeid. Tot haar zegt dan ook de profeet: 'Sla uw ogen op in het rond en zie uw kinderen vergaderd'. Het antwoord zal luiden: 'Wie zijn zij, die als wolken aankomen en op mij afvliegen als duiven?' Wolken vanwege het geestelijke en duiven vanwege de eenvoud. 'Wie kent zoiets, wie heeft ooit iets dergelijks gezien? 'Heeft de aarde ooit op een dag vruchten voortgebracht? Werd wel eens een volk geboren in zo'n korte tijd? 'Sion was in barensweeën en heeft haar kinderen gebaard'. Alles zal vervuld worden met onuitsprekelijke vreugde, want het is de Heer die gezegd heeft: 'Zie, Ik maak Jeruzalem tot: jubel en Mijn volk tot blijdschap'.
Tenslotte broeders, verheugt u in de Heer ten alle tijden, nog eens zeg ik u, verheugt u, uw verlossing is nabij. De hemelse engelenscharen zien uw heil tegemoet. de stem van de roepende in de woestijn weerklinkt reeds: 'Bereidt de weg van de Heer'. De Profeet staat al te roepen: ,., Wie dorst heeft, komt tot de wateren!' Direct daarna zegt hij dan: 'Hoort naar Mij en eet van het goede, en uw ziel zal zich verlustigen'. In die heilige lezing zult gij een weinig verder horen: 'Wordt verlicht, Jeruzalem, want uw licht is gekomen'. Het is over dit Jeruzalem dat de profeet zegt: 'Daarna zult gij genoemd worden: stad van gerechtigheid, trouwe stad Sion'. De wet gaat van Sion uit en het Woord van de Heer van Jeruzalem, want van hieruit heeft het de gehele aarde besproeid. Tot haar zegt dan ook de profeet: 'Sla uw ogen op in het rond en zie uw kinderen vergaderd'. Het antwoord zal luiden: 'Wie zijn zij, die als wolken aankomen en op mij afvliegen als duiven?' Wolken vanwege het geestelijke en duiven vanwege de eenvoud. 'Wie kent zoiets, wie heeft ooit iets dergelijks gezien? 'Heeft de aarde ooit op een dag vruchten voortgebracht? Werd wel eens een volk geboren in zo'n korte tijd? 'Sion was in barensweeën en heeft haar kinderen gebaard'. Alles zal vervuld worden met onuitsprekelijke vreugde, want het is de Heer die gezegd heeft: 'Zie, Ik maak Jeruzalem tot: jubel en Mijn volk tot blijdschap'.
Referenties naar alinea 34: 0
Geen referenties naar deze alineaExtra opties voor deze alinea
Kopieer alinea-URL naar klembord Reageer op deze alinea Deel op social media
35
35.
Moge thans van u gezegd worden: 'Verheugt u hemelen, en aarde juich, want God heeft zich over zijn volk ontfermt en de nederigen van zijn volk heeft Hij getroost'. Dit alles zal geschieden vanwege de menslievendheid van God. Hij spreekt tot u: 'Als een nevel vaag Ik al uw misdaden weg, als een wolk uw zonden'. Gij die de naam van gelovige werd waardig gekeurd, (over welke geschreven staat: die Mij dient, zal een nieuwe naam gegeven worden, die gezegend zal worden op aarde), gij zult met blijdschap zeggen: 'Gezegend de God en vader van onze Heer Jezus Christus, die ons in de hemel in Christus heeft gezegend met elke geestelijke zegening. In Wie wij de verlossing hebben door zijn bloed en de vergiffenis van de zonden, dank zij de rijkdom van zijn genade, die Hij in overvloed heeft uitgestort over ons'. Maar God, die rijk is aan erbarming, heeft om de grote liefde waarmee Hij ons heeft liefgehad, ons die dood waren in onze afdwalingen, met Christus levend gemaakt'. Op dezelfde wijze prijst zij de Heer van alle goeds wanneer zij zegt: 'Toen de goedheid en menslievendheid van onze Heiland zijn verschenen, heeft Hij ons gered, niet op grond van werken van gerechtigheid, die wij verrichten, maar louter uit barmhartigheid, door het bad van de wedergeboorte en van de vernieuwing, die het werk zijn van de Heilige Geest. Hem heeft God rijkelijk over ons uitgestort, door Jezus Christus onze Heiland, opdat wij, gerechtvaardigd door zijn genade, erfgenamen zouden worden van de eeuwigheid.
Moge thans van u gezegd worden: 'Verheugt u hemelen, en aarde juich, want God heeft zich over zijn volk ontfermt en de nederigen van zijn volk heeft Hij getroost'. Dit alles zal geschieden vanwege de menslievendheid van God. Hij spreekt tot u: 'Als een nevel vaag Ik al uw misdaden weg, als een wolk uw zonden'. Gij die de naam van gelovige werd waardig gekeurd, (over welke geschreven staat: die Mij dient, zal een nieuwe naam gegeven worden, die gezegend zal worden op aarde), gij zult met blijdschap zeggen: 'Gezegend de God en vader van onze Heer Jezus Christus, die ons in de hemel in Christus heeft gezegend met elke geestelijke zegening. In Wie wij de verlossing hebben door zijn bloed en de vergiffenis van de zonden, dank zij de rijkdom van zijn genade, die Hij in overvloed heeft uitgestort over ons'. Maar God, die rijk is aan erbarming, heeft om de grote liefde waarmee Hij ons heeft liefgehad, ons die dood waren in onze afdwalingen, met Christus levend gemaakt'. Op dezelfde wijze prijst zij de Heer van alle goeds wanneer zij zegt: 'Toen de goedheid en menslievendheid van onze Heiland zijn verschenen, heeft Hij ons gered, niet op grond van werken van gerechtigheid, die wij verrichten, maar louter uit barmhartigheid, door het bad van de wedergeboorte en van de vernieuwing, die het werk zijn van de Heilige Geest. Hem heeft God rijkelijk over ons uitgestort, door Jezus Christus onze Heiland, opdat wij, gerechtvaardigd door zijn genade, erfgenamen zouden worden van de eeuwigheid.
Referenties naar alinea 35: 0
Geen referenties naar deze alineaExtra opties voor deze alinea
Kopieer alinea-URL naar klembord Reageer op deze alinea Deel op social mediaDe God en Vader van onze Heer Jezus Christus, de Vader van de glorie, moge u de Geest van wijsheid en openbaring geven. En doordat de ogen van uw verstand verlicht zijn, Hem erkennen. Moge Hij u steeds bewaren in goede werken, woorden en gedachten. Aan Wie de glorie, de eer en de kracht zij, door onze Heer Jezus Christus met de Heilige geest, nu en altijd in de nooit eindigende eeuwen der eeuwen. Amen.
Referenties naar deze alinea: 0
Geen referenties naar deze alineaExtra opties voor deze alinea
Kopieer alinea-URL naar klembord Reageer op deze alinea Deel op social mediahttps://rkdocumenten.nl/toondocument/9804-in-de-ene-katholieke-kerk-de-verrijzenis-van-het-vlees-en-het-nl