• Database vol kerkelijke documenten
  • Geloofsverdieping
  • Volledig in het Nederlands
  • Beheerd door vrijwilligers

Zoeken in kerkelijke documenten en berichten

x
De catechese als 'woord'

Dit is één van de allerbelangrijkste aspecten van de zending van de Kerk. Zij immers spreekt, verkondigt, onderricht, deelt mede: allemaal zaken die een enkele actie uitdrukken, dat wil zeggen de kennis, in de Geest, van het mysterie van de verlossende God: 'En dit is het eeuwige leven, dat zij U kennen, de enige ware God en Hem die Gij hebt gezonden, Jezus Christus' (Joh. 17, 3). Deze kennis is niet zomaar een weten; het is een kennen van het mysterie, een kennen dat vol vreugde is, een weten volgens de Geest, een organisch begrijpen van het mysterie van Christus, waarnaar verwezen wordt als kernpunt; het is noch een systeem, noch een abstractie, noch een ideologie.

De geloofsbelijdenis is voor de catechese én uitgangspunt én eindpunt. Het doel is, te bereiken, dat de gemeenschap van de gelovigen verkondigt, dat Jezus, Zoon van God, de Christus, leeft en de Verlosser is. Daarom is het model voor iedere catechese het doopcatechumenaat dat een specifieke vorming is, waardoor de volwassene, tot het geloof bekeerd, gebracht wordt tot de belijdenis van het geloof tijdens de doop in de paasnacht. Tijdens die voorbereiding ontvangen de catechumenen het Evangelie (dat wil zeggen de Heilige Schrift) en zijn kerkelijke concretisering, dat is de geloofsbelijdenis.

De catechese kan tal van 'andere vormen aannemen (de gewijde prediking, het godsdienstonderricht op school, godsdienstige programma's van radio en televisie), die in overeenstemming zijn met de sociale communicatiewijzen en van het onderricht welke bepaalde tijdperken eigen zijn.

In elk geval is het nodig de criteria vast te stellen volgens welke een bepaalde vorm van communicatie werkelijk catechetisch is. Niet ieder onderricht, ook godsdienstonderricht, is uit zichzelf kerkelijke catechese. Integendeel, ook een toevallig gesprek dat de mens in zijn concrete situatie raakt en hem op Christus richt kan een catechumenaal karakter hebben. Maar in zo'n geval moet het, door zijn aard zelf, de wezenlijke elementen of het levens belangrijke wezen van de evangelische boodschap overdragen die noch gewijzigd, noch verzwegen kan worden. H. Paus Paulus VI, Postsynodale Apostolische Exhortatie, Over de Evangelisatie in de Moderne Wereld, Evangelii Nuntiandi (8 dec 1975), 25

Het volledige en levensbelangrijke wezen, overgedragen via de geloofsbelijdenis, reikt de fundamentele kern aan van het mysterie van de ene en Drie-ene God, dat ons geopenbaard werd door het mysterie van de mensgeworden Zoon van God en Verlosser, altijd levend in zijn Kerk.

Teneinde zowel de trouw te onderscheiden in de volledige overdracht van de evangelische boodschap, als de authentiek catechetische vorm van de argumentatie waarmee het geloof wordt medegedeeld, is het noodzakelijk te denken aan respectievelijk het leergezag en het pastorale ambt van de Kerk.

Catechese als 'gedachtenis'
Dit is een ander allerbelangrijkst aspect van de werkzaamheid van de kerk: zij herinnert aan, commemoreert, viert het offer in herinnering aan de Heer Jezus, en verwezenlijkt de anamnese. In feite hebben woord en handeling van de kerkelijke gemeenschap hun kracht alleen in zoverre zij het woord en de handeling zijn die vandaag manifesteren, dat Jezus de Heer is en in zoverre zij tot Hem voeren. Zo maakt de catechese deel uit van het hele sacramentele en liturgische handelen. Voor onze tijd is de catechese de manifestatie van het voor eeuwen in God verborgen geheim. Vgl. Kol. 1, 26 ). Daarom is de eerste taal, die door de catechese gebruikt wordt, de Heilige Schrift en de geloofsbelijdenis. De catechese is dan ook een authentieke inleiding op de 'lectio divina', dat wil zeggen op de lezing van de bijbel, maar dan 'volgens de Geest' die in de Kerk woont, zowel via zijn aanwezigheid in het apostolische ambt, als door zijn handelen in de gelovigen. De Heilige Schrift maakt het alle Christenen mogelijk een gemeenschappelijke taal te spreken. tiet is normaal dat tijdens de vormingstijd enkele Bijbelse uitspraken, vooral van het Nieuwe testament, of enkele liturgische formules die deze zeer duidelijk verwoorden, evenals andere gemeenschappelijke gebeden, uit het hoofd geleerd worden.

De gelovige assimileert tevens die geloofsuitdrukkingen, door de eeuwen heen tot stand gekomen door de levende bezinning van de Christenen, en die samengebracht werden in de geloofsbelijdenissen en de voornaamste documenten van de Kerk.

Zo betekent Christen-zijn binnentreden in een levende traditie die, door de geschiedenis van de mensen heen, aantoont, dat het Woord van God in Jezus Christus de menselijke natuur heeft aangenomen. En tenslotte is de catechese 'overdracht van de documenten van het geloof. De thema's die gekozen worden en de wijze waarop ze zich ontwikkelt, moeten in overeenstemming zijn met echte trouw aan God en aan de mens in Jezus Christus.

De catechese als 'getuigenis'
Zo is het Woord, geworteld in de levende traditie, een levend woord voor onze tijd. Uitdrukkingen zoals getuigenis, persoonlijk engagement, 'acculturatie', kerkelijke activiteit, geestelijk leven, persoonlijk en liturgisch gebed, heiligheid verwijzen naar dezelfde zaak, namelijk het getuigenis.

De gemeenschap van de gelovigen is een gemeenschap van mensen die de heilsgeschiedenis vandaag beleven en tegenwoordig stellen. Het heil dat de gemeenschap met zich meebrengt, biedt de mensen van onze tijd de bevrijding aan van de zonde, van het geweld, van de ongerechtigheid en van het egoïsme. Zo worden de woorden van Jezus vervuld: 'de waarheid zal u vrij maken' (Joh. 8, 32). De catechese kan zich dus niet losmaken van de vitale inzet: 'Niet ieder die tot Mij zegt: Heer, Heer' (Mt. 7, 21). Dit engagement kan een veelvoud van individuele of collectieve vormen aannemen. Volgens een traditionele formulering is het 'navolging van Christus'. En dus heeft het onderricht van de morele leer, dat wil zeggen van de 'wet van Christus', zijn plaats binnen de catechese. Ondubbelzinnig moet bevestigd worden, dat er morele wetten en beginselen bestaan die in de catechese uiteengezet moeten worden en dat de evangelische moraal een specifiek karakter heeft, dat de eisen van de natuurlijke ethiek alleen verre overstijgt. Immers, de wet van Christus, dat wil zeggen de wet van de liefde, is in ons hart uitgestort door de Heilige Geest die ons geschonken is. Vgl. Rom. 5, 5

Anderzijds is de catechese als getuigenis vormend voor de Christen: doordat ze hem ten volle invoegt in de gemeenschap van leerlingen van Jezus Christus, dat is de kerk; door de volle realiteit van de staat van genade en van zonde van dit gelovige volk, dat op de aarde op tocht is op zich te nemen; door alle gevoelens van broederlijke solidariteit in ontvangst te nemen die de Christen moet hebben in zijn leven ten opzichte van al degenen, gelovigen en niet-gelovigen, die deelhebben aan dezelfde bestemming van de mensenfamilie. Zo verwezenlijkt zich werkelijk de kerkelijke gemeenschap als universeel sacrament van heil.

Deze morele leer is niet alleen individueel, maar moet ook de sociale dimensie van de evangelische boodschap laten zien. Een van de fundamentele opdrachten van de hedendaagse catechese bestaat in het oproepen en stimuleren van nieuwe vormen van engagement, vooral op het gebied van de rechtvaardigheid.

Zo komen, uit de christelijke ervaring, nieuwe stijlen op van evangelisch leven die met de hulp van de genade van Christus nieuwe vruchten van heiligheid zullen dragen.

Het bijzondere karakter van de geloofspedagogie

Aangezien iedere vorm van catechese in zijn totale vorm verwezenlijkt moet worden, is nodig dat er een onverbrekelijke band bestaat tussen:

  • de kennis van het woord van God
  • de viering van het geloof in de Sacramenten
  • de belijdenis van het geloof in het dagelijks leven.

Vandaar dat de pedagogie van het geloof een bijzonder karakter heeft: dat van ontmoeting met de persoon van Christus, inkeer des harten, het ervaren van de Geest in de kerkelijke eenheid.

Medeverantwoordelijkheid
De catechese is een opdracht van vitaal belang voor de gehele Kerk. Deze opdracht is werkelijk bindend voor alle gelovigen, eenieder naar zijn eigen levensstaat en zijn bijzondere gaven of charisma's. Want in feite zijn alle Christenen, krachtens het sacrament van de doop en van het vormsel, geroepen het Evangelie te verkondigen en zorg te hebben voor het geloof van hun broeders in Christus, vooral dat van de kinderen en jongeren. Dit kan soms, om verschillende redenen, spanningen en afwijkende meningen oproepen. De synode roept dus allen op de moeilijkheden te overwinnen die zich kunnen voordoen en altijd een gemeenschappelijke verantwoordelijkheid te bevorderen. Laat ons dit verder uitwerken.
Na met u gesproken te hebben over het werk dat wij deze dagen bij de zetel van Petrus en in eenheid en gemeenschap met Paus Paulus VI volbracht hebben, willen wij God danken, van wie elke goede gave komt Vgl. Jak. 1, 17 en aan wie wij ons leven toewijden; God die door de Geest van zijn Zoon voortdurend in onze gedachten was en het ons toegestaan heeft de wonderen van zijn liefde te zien, te overwegen en te beleven; God, die, naar wij met ons hele hart verlangen, door u altijd en boven alles bemind zal worden. Wij danken ook allen die met ons de verantwoordelijkheid van het catechetische ambt delen. Wij denken aan de priesters, onze medewerkers in het apostolische ambt en krachtens het sacrament van de wijding diep met ons verenigd; wij denken aan degenen die een aan God gewijd leven leiden ofwel binnen de religieuze gemeenschappen ofwel in de wereld, waarbij wij nogmaals onze verwachting uitspreken dat een leven, geleid in de geest van de zaligsprekingen Vgl. 2e Vaticaans Concilie, Constitutie, Over de Kerk, Lumen Gentium (21 nov 1964), 42 een grote geestelijke vruchtbaarheid heeft; wij denken aan degenen die wij specifiek catechisten noemen. Ze zijn met zeer velen, de mannen, vrouwen, jongeren en ook kinderen die hun tijd - over het algemeen zonder materiële vergoeding - geven voor een zo groots werk als het opbouwen van het rijk van God, vervuld van ware liefde wanneer ze in het hart van de mensen Jezus Christus tot volheid vormen. Wij denken ook aan de ouders die hun kinderen vanaf de vroegste jeugd opvoeden in de kennis van Jezus Christus en in de vreze en liefde Gods en in het hart van hun kinderen het geloof levend houden dat ze in de doop ontvingen, en dat in het vormsel bevestigd werd, en dit geloof zo doen rijpen dat het voortdurend vruchten van eeuwig leven draagt. Wij denken ook aan de talrijke broederlijke gemeenschappen, gewijd aan het gebed, arm, die aan de wereld onderworpen aan het individualistische egoïsme, een kostbaar levensgetuigenis schenken.

Wij bisschoppen, in deze synode bijeengekomen vanuit alle delen van de wereld, na de kerken van de gehele wereld te hebben aanhoord en bewust geworden van het belang van de catechese, zozeer zelfs, dat we haar de prioriteit gegeven hebben in ons pastorale optreden, verkondigen vanaf de Vaticaanse heuvel bij het graf van Petrus, denkend aan u allen en ten overstaan van Paus Paulus VI, plechtig dat wij de zoete opdracht aanvaarden al onze krachten te geven aan de catechetische activiteit naast die van de evangelisatie, vertrouwend op de genade van de Heilige Geest, die steeds rijkere vruchten van heiligheid kan geven al naar gelang uw geloof tot rijpheid komt via een systematische vorming. Er zijn in de wereld nog vele moeilijkheden te voorzien, maar de toekomst is aan de gelovigen, want het geloof laat ons niet teleurgesteld achter. Vgl. Rom. 5, 5

Dat de heilige maagd Maria, moeder van de Kerk, ijverig toehoorster van het woord van God, voor ons verkrijgt, dat wij onze goede voornemens ten uitvoer brengen en dat het heilbrengende geloof van Christus tot zuurdesem, zout, licht, tot waarlijk leven voor de hele wereld wordt; zij die, als vurige leerlingen van haar Zoon in het geloof 'al deze woorden in haar hart bewaarde en bij zichzelf overwoog' (Lc. 2, 19).

Document

Naam: BOODSCHAP AAN HET VOLK VAN GOD OVER DE CATECHESE
Naar aanleiding van de Bisschoppensynode over Catechese in onze tijd
Soort: Bisschoppensynodes
Auteur: Synodevaders
Datum: 28 oktober 1977
Copyrights: © 1978, Archief van Kerken, 33e jrg, p. 83-93
Bewerkt: 7 november 2019

Opties

Internetadres
Print deze pagina
Dit document bestellen
Startpagina van dit document
Inhoudsopgave van dit document
Referenties naar dit document
Referenties vanuit dit document
RK Documenten wordt mogelijk gemaakt door donaties van gebruikers.
© 1999 - 2021, Stg. InterKerk, Schiedam