Over de Kerk
(Soort document: 2e Vaticaans Concilie - Constitutie)
21 november 1964
![]() |
|
Deze site is er voor u,
|
► Design: © Jaimy Dix Reclamebureau
► Techniek: © InterBrug
|
21 november 1964
| LUMEN GENTIUM Over de Kerk |
|||
| ► | HOOFDSTUK 3 | - | De hiërarchische structuur van de Kerk, en in het bijzonder het Episcopaat |
| ► | ARTIKEL 2 | - | De zending van de twaalf |
|
Na tot zijn vader te hebben gebeden, riep de Heer Jezus tot zich, die Hijzelf wilde. Hij stelde er twaalf aan om Hem te vergezellen en door Hem uitgezonden te worden om het Koninkrijk Gods te prediken 1 . Van deze apostelen 2 maakte Hij een vast college of vaste groep en aan het hoofd daarvan plaatste Hij Petrus, gekozen uit de apostelen zelf 3 . Hij zond hen eerst tot het volk Israël en verder tot alle volken 4 om, als deelgenoten van zijn eigen macht, alle volken tot zijn leerlingen te maken, hen te heiligen en te besturen 5 , en aldus de Kerk uit te breiden en haar onder de leiding van de Heer in dienstbetoon te weiden alle dagen tot aan de voleinding der wereld 6 . In deze zending ontvingen zij op de Pinksterdag de volledige bevestiging 7 volgens de belofte van de Heer: "Gij zult kracht ontvangen van de heilige Geest, die over u komt om mijn getuigenis te zijn in Jerusalem in geheel Judea en Samaria en tot het uiteinde der aarde" (Hand. 1, 8). Door overal het Evangelie te verkondigen 8 dat door de hoorders onder de werking van de Heilige Geest wordt aanvaard brengen de apostelen de universele Kerk bijeen, die de Heer in de apostelen stichtte en die Hij bouwde op de heilige Petrus, hun hoofd, met als sluitsteen Christus Jezus zelf (Apok. 21, 14; Mt. 16, 18; Ef. 2, 20) 9 10 |
||
| 1 | Vgl. Mc. 3, 13-19; Mt. 10, 1-42 |
| 2 | Vgl. Lc. 6, 13 |
| 3 | Vgl. Joh. 21, 15-17 |
| 4 | Vgl. Rom. 1, 16 |
| 5 | Vgl. Mt. 28, 16-20; Mc. 16, 15; Lc. 24, 45-48; Joh. 20, 21-23 |
| 6 | Vgl. Mt. 28, 20 |
| 7 | Vgl. Hand. 2, 1-26 |
| 8 | Vgl. Mc. 16, 20 |
| 9 | vgl. Liber Sacramentorum S. Gregorii, Praefatio in natali S. Matthiae et S. Thomae: P.L. 78, 51 en 152.; S. Hilarius, In Ps. 67, 10: P.L. 9, 450; CSEL 22, p. 286.; S. Hieronymus, Adv. Iovin. 1, 26: P.L. 23, 247A.; S. Augustinus, In Ps. 86, 4: P.L. 37, 1103.; S. Gregorius M., Mor. In Iob, XXVIII, V: P.L. 76, 455-456.; Primasius, Comm. In Apoc. V: P.L. 68, 924BC.; Paschasius Radb., In Matth. L. VIII, cap. 16: P.L. 120, 561C. |
| 10 | Vgl. Paus Leo XIII, Brief, Aan de Aartsbisschop van Tours, Est Sane Nolestum (17 dec 1888), 4. A.A.S. 21 (1888) 321 (Eccl. Doc. 0142, bladz. 64-65, n. 4) |