Inhoudsopgave
- Inhoud
Misere mei, Deus, secundum (magnam) misericordiam tuam
Wees mij genadig, o God! Naar Uw goedertieenheid.
Deze woorden, welke ik uitsprak, mij ervan bewust zijnde van mijn onwaardigheid en ontoereikendheid, op het moment dat ik met angst de verkiezing tot paus accepteerde, herhaal ik nu met zelfs grotere rechtvaardiging, omdat ik mij zelfs meer bewust ben van mijn onwaardigheid en ontoereikendheid na tekortkomingen en dwalingen tijdens een lang pontificaat in een zo moeilijk tijdperk. Ik vraag nederig om vergeving van allen, die ik pijn gedaan heb, beschadigd heb of in moeilijkheden heb gebracht door woord of daden.
Ik vraag hen, die daarmee belast zijn, zich niet druk te maken voor het oprichten van monumenten voor mijn nagedachtenis. Het volstaat dat mijn onbeduidende stoffelijke resten begraven worden op een heilige plaats, hoe meer verborgen hoe beter. Het is niet nodig dat ik u vraag om voor mijn zielenheil te bidden. Ik ken het aantal gebeden, die gebruikelijk zijn namens de Apostolische Stoel, en ken de eerbied van de gelovigen, voor iedere paus die overlijdt.
Noch is het noodzakelijk dat ik een “spiritueel testament” achterlaat zoals zo vele ijverige prelaten op prijzenswaardige wijze gewoon waren achter te laten. De talrijke geschriften en redevoeringen die ik publiceerde of uitsprak terwijl ik mijn ambt vervulde, volstaan voor eenieder die graag mijn gedachten over verschillende vraagstukken met betrekking tot religie en ethiek willen weten.
Na dit gezegd te hebben, benoem ik als mijn universele erfgenaam de Heilige Apostolische Stoel, van welke ik zoveel heb mogen ontvangen als van een liefhebbende moeder.
Referenties naar deze alinea: 0
Geen referenties naar deze alineaExtra opties voor deze alinea
Kopieer alinea-URL naar klembord Reageer op deze alinea Deel op social media
https://rkdocumenten.nl/toondocument/2964-testament-nl